HomeEen drietal lezingen in Amerika gehoudenPagina 39

JPEG (Deze pagina), 0.98 MB

TIFF (Deze pagina), 8.59 MB

PDF (Volledig document), 47.59 MB

E I IR "`I .­..
l
I
zaak daarin, dat zij Rome en niet Griekenland tot voorbeeld nam.
Reeds Burckhardt doet in zijn mooi werk over de Italiaansche
Z Renaissance de vraag, waarom de Italiaansche bouwmeesters naar
jj Rome en niet naar Griekenland hebben gekeken.
_l Immers de Romeinsche architektuur beging reeds een zwakheid
li toen zij de pilaster en de zuil niet, zooals de Grieken, alleen zuiver
i constructief toepasten, maar deze of geheel of half doorgesneden,
zonder daarbij eenige poging te doen om aan het ornament van het
j kapiteel een aesthetische oplossing te geven, als versieringsmotief
tegen den muur plaatsten.
j Dit bracht dan ook Goethe reeds tot den uitroep: ,,Neemt U er
j voor in acht de zuil onbehoorlijk toe te passen; haar natuur is vrij te
·‘ staan. Wee degenen die haar slanke bouw aan plompe muren heb~
l ben vastgeklonken."
j En Hegel formuleert in zijn ,,Aesthetische Beschouwingen" deze
j fout nog scherper, door te zeggen, dat halve zuilen gewoonweg af~
stootend leelijk zijn; omdat daardoor tweeërlei tegenovergestelde
Q bedoelingen zonder innerlijke noodzakelijkheid naast elkaar staan,
ä om zich met elkaar te vermengen. Hoeveel te zwakker moet dus
wel een architektuur worden, die duizend jaar later een weder~
geboorte van een reeds opzichzelf zwak architektonisch schema
ging toepassen.
Q Ik geloof wel te kunnen beweren dat de wijze waarop de Renais-
j sance het constructieve beginsel verloochende, principieel de oor~
zaak is, dat ten slotte de architektuur terug zonk tot een vervallen
kunst. Toetst men bijv. aan dat beginsel het raadhuis van Siena
tegenover het Colosseum dan verdient, niettegenstaande het ge~
g weldig verschil in afmeting, het eerste de voorkeur, terwijl ook het
palazzo Pitti om dezelfde reden, nog boven het Collosseum verdient
te worden geprezen.
j En hoe krachtig staat dit geweldige bouwwerk tegenover alle
j latere paleizen der Renaissance, omdat het pilaster~ of zuilen~schema
l dadelijk een verslapping der architektuur beteekent. Nu gaat ten
slotte de 19de eeuw opnieuw bij die Italiaansche Renaissance in de
leer en dan niet krachtens een zelfstandige geestelijke beweging,
l maar krachtens een willekeurige neiging voor de klassieke oudheid.
` Toch zou het onbillijk zijn niet te erkennen dat niettegenstaande
_ deze omstandigheid de architektuur in de negentiende eeuw ook
‘ schoone werken heeft voortgebracht. Maar er ontbreekt aan die
allen juist datgene, wat men van een kunstwerk in de hoogste be~
l teekenis verlangt en wat het "onuitsprekelijke" zou kunnen worden
i 33
*-"'*"` ‘ ­ r e v· ,n·. r ; ··_‘ , ·==;=: -­.·~ ; J