HomeEen drietal lezingen in Amerika gehoudenPagina 35

JPEG (Deze pagina), 1.02 MB

TIFF (Deze pagina), 8.65 MB

PDF (Volledig document), 47.59 MB

heel goed wat onder architekturale beeldhouwkunst moet worden
verstaan; maar niettegenstaande dat, ontdekt men dadelijk de twee~
slachtigheid tusschen architektuur en sculptuur, omdat ook daarbij
de zelfde oorzaak dezelfde gevolgen heeft. Ook de beeldhouwers
zijn nog zoodanig door de schilderachtige tendentie bevangen, dat
hun werk zich nog niet aan de architektuur weet aan te passen.
En hoe dikwijls blijkt niet de schaal, de afmeting der figuren en
ornamenten tegenover de architekturale details, een geheel ver~
keerde te zijn.Voor deze gevallen nu is een systematische behande-
ling zooals bovenbedoeld,voortreffelijk, omdat juist de harmonische
verhoudingen als 'tware vanzelf ontstaan, al heeft het gevoel daarbij
weer het eerste, maar ook het laatste woord te spreken.
·»· En hoe ziet het er dienovereenkomstig met de voortbrengselen
der technische kunsten uit, met de aan een gebouw zoo innig ver-
bonden meubels, verlichtingsvoorwerpen enz.?
In de groote stijlperioden sprak het vanzelf dat niet de bouw·
meester deze voorwerpen ontwierp, maar dat deze door de verschil-
lende beroepskunstenaars werden geleverd. En in dat geval was
men van een harmonisch geheel verzekerd, omdat het traditioneele
vormschema de geheele architekturale kunst beheerschte. Heden ten
dage is dat echter niet het geval, zoodat de verlangde eenheid niet
kan worden bereikt. Daarom zal de architekt ook deze onderdeelen
moeten ontwerpen, indien hij bereiken wil, dat uiterlijk, zoowel als
innerlijk, zijn werk van eenzelfden geest is doortrokken. Is hij echter
daartoe niet in staat dan kan hij ervan verzekerd zijn, dat de meubel-
maker met zijn eigen stijltje, indien hij er al een heeft, meubels in
het gebouw brengt, die tegen de architektuur vloeken.
En datzelfde herhaalt zich evenzooveel malen als weer een andere
technische kunstenaar het gebouw betreedt, zoodat zelfs in het aller-
gunstigste geval het geheel toch een chaos van kunstvormen zal
vertoonen. Voorloopig moet dus de architekt zelf alles ontwerpen.
Ik zeg voorloopig, omdat ook thans weer opnieuw er naar moet
‘ worden gestreefd dat aan alle kunstberoepen het desbetreffende
werk kan worden overgelaten. En daarom moet het doel van het
geheele aristieke streven van dezen tijd daarheen zijn gericht die
eenheid in formale schoonheid te bereiken, omdat de kunst van
bouwen ten slotte bestaat in het scheppen van ruimten met al de
daarbij behoorende onderdeelen. Want eerst wanneer die voor-
waarde in haar vollen omvang zal zijn vervuld, kan van een ruimte-
kunst sprake zijn; eerst dan zal opnieuw de harmonie tusschen het
geheel en de onderdeelen, de eenheid in de veelheid, zijn hersteld.
29
r , , · , 2 ,’i· e r ·.r.’­ ·-,. ­· ·,-« ···«~·= ··=» » «=ï- ··~~~- ‘~#« « --.· ,»;i~=sx~»=·~»v­5· I 1