HomeEen drietal lezingen in Amerika gehoudenPagina 31

JPEG (Deze pagina), 0.98 MB

TIFF (Deze pagina), 8.43 MB

PDF (Volledig document), 47.59 MB

(__ W __,__,,___o_o._, _r . a a- W i i " ‘ je ‘ ' Q TC `«
een geheel verschillende vormentaal spreken en ook geestelijk el~
kaars tegengestelden zijn toch principieel zulk een groote overeen­
stemming vertoonen.
Bewijzen deze onderzoekingen niet, dat er in de kunst eeuwige
wetten bestaan, als voorwaarde van alle formale schoonheid, -·
welke wetten onafhankelijk zijn van geestelijke stroomingen?
Bewijzen zij niet dat zonder toepassing dezer wetten er eigenlijk
van stijl geen sprake kan zijn, omdat in dat geval de architektuur
door een zuiver willekeurig inzicht wordt bepaald? Resultaat van
zulk een inzicht is ten slotte geestesarmoede, omdat wetteloosheid
niet de ware vrijheid beteekent, terwijl het tegenovergestelde geval
juist de rijkdom belooft, omdat deze dan door de gebondenheid, dat is
de ware vrijheid, wordt bepaald! Want het is niet waar, dat de vrije
Y kunst de verbeeldingskracht bevordert. Men ontdekt integendeel,
` dat de vormenvariaties bij een vooruit bepaald systeem oneindig
I zijn, evenals in de natuur, die, ik herhaal, niettegenstaande hare
; spaarzaamheid in het gebruik harer middelen, toch een oneindig aan~
j tal vormen weet te scheppen.
Bewijzen de Oostersche volken, wier ongelooflijke verbeeldings-
‘ kracht in versieringsmotieven wij bewonderen, niet de kracht van
de toepassing van zulk een systeem, omdat de vraag zou kunnen
‘ worden gedaan of zij in het tegenovergestelde geval wel die ver~
beeldingskracht in de vorming juist van geometrische figuren zouden
hebben ontwikkeld? Hebben de Arabieren niet juist daarom hun
ornamentale composities binnen een streng lijnen­ornament gecom~
poneerd, terwijl zij anders misschien niet datgene zouden hebben
bereikt wat ons juist in deze tijden van geringe artistieke verbeel~
dingskracht met zooveel bewondering vervult?
En geeft het niet te denken, dat de japanners en Chineezen, wier
kunst zich uitsluitend naar den schilderachtigen kant, dus naar de
zijde der vrije kunst heeft ontwikkeld, geen monumentale architek~
tuur bezitten, en helaas thans beginnen met slechte Europeesche
voorbeelden hun steden te bederven?
Het feit alleen, dat wij weten, dat in de oude tijden volgens be~
paalde methoden werd gewerkt, moest aanleiding genoeg zijn om
er naar te streven datzelfde te doen en dat te meer in een tijd, die
zich bij voorkeur wetenschappelijk noemt. Want het schijnt mij geen
paradox te beweren dat de kunst wat meer wetenschappelijk te werk
moest gaan, omdat kunst en wetenschap in tegenstelling met de
meening uit den tijd der vrije kunst, niet elkanders vijanden zijn.
Integendeel zij zijn kinderen van eenzelfde moeder, hetgeen zeker
25 ‘
V)