HomeBeschouwingen over het eiland Schokland naar aanleiding van eene voorgestelde inkorting, met een naschrift aangaande de nog nietPagina 9

JPEG (Deze pagina), 580.98 KB

TIFF (Deze pagina), 6.08 MB

PDF (Volledig document), 32.94 MB

i
2
x
R, C. kerk ; ook waren op beide buurten behoorlijk
goed voorziene winkelhuizen. Aan de W/Vestzijde j
van het eiland was tot tegen Emmeloord een
steenen dijk, die evenwel zeer was verzakt, en, bij
dagelijksch water, zich niet ver boven de zee
verhief. M J
Het Noordeind , ook de staart genoemd, dat steeds
voor de zee bloot lag, verminderde ieder jaar j
zigtbaar, waardoor men dan ook bij stormweder en A
hooge waterstanden, geheele brokken daarvan zag
wegspoelen.
Daar de buurten vrij ver van uit zee konden l
worden gezien , was het voo·ral tegen de11 avond , E
ten einde zeker te weten waar men zich in het
vaarwater bevond, dikwijls zeer vertroostend, de- ·
zelve te ontdekken, te meer, omdat van af Urk
tot tegen den dijk achter Emmeloord niet veel
opdrooging wordt ondervonden en men tot daar
gemakkelijk kan verzeilen. De Oostzijde van het
eiland was met eene dubbele rei palen bezet, ter-
wijl de buurten met veel hoogeren waren omheind.
Bij de Zuider- en Middelbuurten wa1·en dezelve
met vooruitspringende hoofden, aan welke bij on-
stuimig weder uit het W`esten en Noordwesten, al
dikwijls een aantal vaartuigen waren bevestigd,
vooral omdat het daar luw was, en men , bij be··
hoefte , een en ander koude bekomen.
Bij Emmeloord bestond een haven , die er nu
nog is, waarin meer dan honderd vaartuigen van
gewone grootte, eene zelfs voor ijsgang veilige ree L