HomeBeschouwingen over het eiland Schokland naar aanleiding van eene voorgestelde inkorting, met een naschrift aangaande de nog nietPagina 48

JPEG (Deze pagina), 574.66 KB

TIFF (Deze pagina), 6.10 MB

PDF (Volledig document), 32.94 MB

j l 41
E
jl mij, dat er velen zullen zijn, die aan de eigen lof
verkondigende schrijvers zoo veel lof niet zullen
toezwaaijen als de Maatschappij aan den ontwerper
A van die schoone en deugdelijke waterwerken midden
in de volle zee heeft gedaan. (0)
jj Wat nu mijn antwoord op het tweede punt be-
treft , dat na eene regeling der zaak , moeijelijkheden
zullen kunnen ontstaan, zoo kan en zal ik dien-
aangaande kort zijn.
Dit mijn vermoeden is alleen daarop gegrond ,
(met terzijdestelling van al hetgeen buitendien be-
staat, en in het voordeel der schipperij pleit),
1 dat, daar het naar mijn inzien bewezen is, dat de
Maatschappij op zeer verre na niet, ingevolge de
verleende concessie, aan hare verpligtingen heeft
voldaan, en een toltarief niet zal kunnen worden
; verleend, het te verwachten is, dat, wanneer het
je toltarief vervalt, de Maatschappij volgens eigene
verklaring aan den Minister op 17 Januarij 1851 , niet
bij magte zal wezen, om de bestaande werken, niet
alleen in behoorlijken staat te brengen, (hetgeen voor
de veiligheid der scheepvaart zeer noodzakelijk is),
1-
(0) Mogten er zijn , die hieromtrent iets wenschen te lezen , zij
E kunnen zulks in de door de schippers uitgegevene brochures doen.
Ik moet hierbij nog opmerken, dat er door de voorstanders van den
j tol vele mcdedeelingen zijn gedaan, hoofdzakelijk of geheel gegrond
op inlichtingen van zoodanigen, die bijzonder in staat zijn, om
zelfs geheel mislukte ondernemingen door magtspreuken als ander-
_ sints in zulk cen licht voor te dragen , dat geheel onkundigen die
voor waarlicid aaunenien.