HomeBeschouwingen over het eiland Schokland naar aanleiding van eene voorgestelde inkorting, met een naschrift aangaande de nog nietPagina 26

JPEG (Deze pagina), 599.77 KB

TIFF (Deze pagina), 6.06 MB

PDF (Volledig document), 32.94 MB

S
f 19
i Noord-Y/Vesten draait, bijna als in volle zee zullen
bevinden, terwijl voor degenen, die dan onder Ens
zijn geankerd,door den hoogen waterstand en de zware
deining zeer weinig beschutting zal bestaan.
ju 5°. Dat, wanneer bij storm de wind dan nog
iets verder naar het Noorden draait, de gevaren ,
v om tegen elkander te geraken, zeer groot kunnen
worden.
" 6°. Dat het gevaar, dat de schepen, die bij
5 donkere nachten uit zee komen, de ten anker
l liggenden overzeilen, insgelijks groot zal wezen.
’ 7°. Dat, wanneer de bovengrond van het eiland
zal zijn weggespoeld, er gedurende zeer velejaren
eene klip zal blijven bestaan.
8°. Dat , uit vrees van niet meer in de
haven te zullen kunnen komen, of eene veilige
en geruste ree te verkrijgen, velen de reis niet
zullen durven ondernemen, en daardoor tijdverlies
en schade zal worden veroorzaakt.
Daar het mij is voorgekomen , dat de bovengenoem-
de stukken en uitgebragte adviesen, als hooldoorzaken
van het besluit tot inkorting kunnen worden be-
schouwd, zoo moet ik toch opmerken, ten aanzien van
` hetgeen de Heer VAN DER LEE, met zulke ronde en dui-
delijke woorden heeft verklaard: >>het overblijvende
»Zuidelijk gedeelte van het eiland is voor de veiligheid
>>der schepen voldoende of voldoende te maken, en
>>geene nadeelen zijn bekend, die uit de heperking van
l >>het eiland zouden kunnen voortvloeijen , >> dat hier-
door is bewezen geworden, dat ZEd. van het