HomeDe invloed der scheikunde op de ontwikkeling der pharmacotherapiePagina 28

JPEG (Deze pagina), 944.63 KB

TIFF (Deze pagina), 8.28 MB

PDF (Volledig document), 27.16 MB

li `
,l /4
jl I 26
de onderzoekingen van BAMBERGER en Finnnivn over de mydri­
g atisehe werking van bepaalde isomeren der tet1·ahydr0naplztyla­
mmm, op de onderzoekingen van BAUMANN en KAST omtrent
gt het sulfonal en tetrrmal, op de hypnotische werking van den
tertiairen amylalco/aol, en op veel, dat nog onlangs door LAUDER
`X BRUNTON, in zijn »Croonian Lecture", over de »Relation between
è chemical structure and physiological action" is medegedeeld.
Doch waar DUJARDIN-BnAUMETz en BARDET reeds zoover gaan,
Q dat zij algemeene regels formuleeren, en beweren, dat de anti-
scptisc/ze werking wordt gevonden bij de hydroxykverbindingen
van de aromatische groep, de antipyretische werking bij die
L aromatische lichamen, waarin een amido­groep of haar acetyl-
derivaat voorkomt, en eindelijk de pümtillende werking bij die
,, stoffen, welke een amido-groep bevatten, waarin een atoom
in waterstof door een koolwaterstof-rest der vetreeks, bij voorkeur
methyl, is vervangen, daar komt het ons voor, dat men in die
uitspraak nog meer de vrucht moet zoeken eener nog zeer ge-
te ta. waagde bespiegeling, dan wel de ·uitkomst van een veelomvattend
experimenteel onderzoek.
Hoe belangrijk de reeds verkregen uitkomsten in die richting
ook zijn mogen, valt het toch niet te ontkennen, dat wij nog
zeer ver verwijderd zijn van het ideaal, om uit de chemische
fl eigenschappen der stof reeds vooraf den aard der phvsiologische
werking met voldoende zekerheid te kunnen voorspellen. Om
daartoe te geraken, zal men eerst nog zeer vele stoffen van
lj bekende samenstelling en bouw op hare physiologisehe en
ll lg therapeutische werking moeten onderzoeken. En ook zal men
V vooraf nog eene veel nauwkeuriger kennis van het ehemisme
il van de gezonde en zieke cel moeten erlangen alvorens de weder-
Q keerige werking tusschen de geneesmiddekmoleculen en oelmole­
i' culen te kunnen begrijpen.
De richting van onderzoek, welke, na de ontdekkingen van
` Scnvvzuviv en van Vincnow, voor de physiologie en pathologie
lit werd aangewezen , behoort evenzeer bij het pharmacologisch
onderzoek te worden gevolgd. Immers bij het onderzoek naar de
ly; werking der geneesmiddelen is het niet voldoende, de stof een-
voudig aan menschen of dieren toe te dienen en dan toe te zien
` P welke uitwerking, of schijnbare uitwerking, het middel zal ver-
1
J