HomeDe vrije uitoefening der geneeskunst of het artsenmonopolie?Pagina 7

JPEG (Deze pagina), 695.64 KB

TIFF (Deze pagina), 8.18 MB

PDF (Volledig document), 46.13 MB

2
1
1
I
K
IN L E I D I N G ä
x
«De bedoeling der regeeringen, die geneeskundige j;
«wetten uitvaardigen, is onget_wijfeld, zooals zij
«voorgeven, om de ingezetenen te beschermen tegen
«bedrog en onkunde. Men moet daarbij echter niet
<<vergeten, dat het de geneeskundigen waren, die
<<de regeeriiigen tot het maken der wetten op de ‘
<<uitoefening der geneeskunst hebben aangespoord,
_ «dat de geneeskundigen in de meeste landen, waar
ezzoodanige wetten zijn, eigentlijk de wetten zelven I
<.m:1akten, evenals dit vroeger bij de gilden plaats
vond/’
Dr. I,. VON LOHE, gezzeesáew la Amster-
1202111, in zijn critiek op de ingediende `
geneeskundige wetten van 1865.
Sinds geruimen tijd geldt als een axioma voor alle staats-
partijen in Nederland, naar ik meen, dat monopolies niet strekken
ten voordeele van de ontwikkeling van de bedrijven of beroepen.
Als eene uitzondering op dien regel beschouwt de tegenwoor-
dige wetgeving in Nederland, evenals i11 vele andere landen, de
uitoefening van de geneeskunst. I
De wetgever beschouwt het als de plicht van den Staat niet . i
alleen te zorgen voor goed onderwijs in de geneeskunst en ,
voor goede hygienische wetten , maar ook de burgers te bescher- I
men tegen dwaling in de keuze van hen, die bij ziekte hen
behandelen, door het uitoefenen van het bedrijf van geneeskun-
dige aan een ieder, die niet door examens het radicaal daartoe
verwierf, te verbieden en tegen de overtreding van dat verbod '
straf te bedreigen. Zeker, de volksgezondheid is een algemeen
belang en belangrijke schade aan de volksgezondheid door straf-
wetten te keeren kan eene noodzakelijkheid zijn. Maar daarvoor
jhr. Mr. v. H. t. Yr. uitoef. gen. I