HomeIets over den belemmerenden invloed en onevenredigen druk, welken de belastingen op den landbouw uitoefenenPagina 7

JPEG (Deze pagina), 767.31 KB

TIFF (Deze pagina), 6.75 MB

PDF (Volledig document), 19.55 MB

‘ 3
voor het vee is alles in den landbouw. Welnu! met water maakt l
‘ men gras, met gras maakt men vleesch en mest, en met mest ­
‘ maakt men koorn. V
Men‘ vordert, dat de regering kanalen zal graven en wegen
aanleggen, omdat kanalen en wegen eene volstrekte voorwaarde
zijn, tot iedere ontginning onzer onmetelijke heidevelden. ·
Men verlangt verbetering van ons hypothekenstelsel, banken
van landbouw, financiële instellingen om den grond te mobiliseren,
en‘in het algemeen inrigtingeu van crediet, om den landbouw
op eene gemakkelijke wijze geld ter leen te bezorgen. Vooral het
Duitscbe en Poolsche stelsel, hetwelk steunt op het mobiliseren
der hypothecaire inschrijvingen en hare circulatie als rentegevende
4 schuldbrieven , vindt vele voorstanders.
j Dit alles is voorwaar zeer nuttig, en geschiktom den landbouw te
verbeteren en hem kapitalen te doen toevloeijen; maar, wanneer
men tot die gedeeltelijk meer of 1nin kunstmatige middelen van
‘ verbetering en ontwikkeling zijne toevlugt neemt, is het tevens
in de eerste plaats gepast te onderzoeken, of er geene kunstmatige
­ oorzaken, in onze wetgeving gelegen, bestaan, die eene tegen-
A l overgestelde werking hebben. _ _
Men wil, dat de regering den landbouw beschermen zal. Men
‘ klaagt, dat er schier niets in zijn voordeel gedaan wordt; terwijl `
V verschillende andere takken van nijverheid op onderscheidene wijzen
begunstigd worden, als: de handel van Amsterdam en Rotterdam
door het Noord-Hollandsche kanaal en het kanaal van Voorne; de
vaart op den Bi_jn,door de schatten, diejaarlijks de stoomsleepdienst
kost; de reederijen en zee­assurantiën, door de hooge vrachten
· en prerniën, welke men haar door tusschenkomst der Handel-
maatschappij betaalt. Die klagten zijn gegrond.
Het is er verre af, dat de landbouw in dezelfde mate begunstigd
wordt, als andere takken van nijverheid. De landbouw behoeft
t echter geene bijzondere bescherming; hij verlangt slechts, dat men
hem aan zijne vrije werking overlate, datmenhem op eenen gelijken
rang als de andere takken van nijverheid stelle. Vóór en in plaats
. t l