HomeVan burgerlijke staathuishoudkunde tot proletarische maatschappijleerPagina 28

JPEG (Deze pagina), 1.20 MB

TIFF (Deze pagina), 7.64 MB

PDF (Volledig document), 37.87 MB

26 ·
Brandenburgschena historicus Von Raumer, die in 1851 0. a. schreef: ·
,,Alle politieke veranderingen zijn slechts gevolgen van de veranderde . `
productie- en levenswijze -der menschen en de door veranderde verkeers- ,
gj verhoudingen anders geworden positie der verschillende klassen . . . j
j· Elke verandering in de rechtstoestan·den van een natie komt uit e_
bepaalde feitelijke voorwaarden, uit het toenemen van de bevolking en l j .
‘l het dringen naar verhoogde productie voort en alle staatsinrichtingen ` {
jj zonder uitzondering, van beneden naar boven, zijn slechts resultaten
j ` van de gegeven toestanden der maatschappij . . . Geen macht op aarde ;i
·, ‘ houdt de opheffing van de diensten, de eigendomsverleening en de · A
parzelleervrijheid op den duur tegen, wanneer deze voorwaarden van g -
jj de productie geworden zijn. Uit de veranderde maatschappelijke en `
jl productieverhoudingen, uit een anders geworden huishouding der j
j families en een daarmee veranderde geestesgesteldïheid van het volk .
j_ vloeien mettertijd de grootste politieke omwentelingen van de staten .
4 voort, en de politieke onmacht van het grondbezit in den tegen- _ j ,
. _ woordigen tijd, het overwicht van het kapitaalvermogen, de verbreking
van het oude standsgewijze corporatieve samengaan zijn noodwendige ‘
j gevolgen van de veranderde productie, Daartoe behooren niet alleen Q
7 j f veranderingen in den akkerbouw en in de cultuurtoestanden van het ’ A
‘ V platteland maar ook in manufactuur en fabriekbedrijf; doch de
j veranderingen in het stedelijke verkeer plegen met de omwenteling
r van den landbouw han·d in hand te gaan . . . De politieke veranderingen `
r j zijn in laatste instantie slechts gevolgen en wel noodwendige gevolgen '
· van de veranderde sociale en economische verhoudingen der bevolking, . _
j " die langzamerhand niet alleen de zeden, de levenswijze en de levens- A Q _
` beschouwing, maar ook de positie van de klassen der maatschappij is
tegenover elkander veranderen? '
j Ik kan begrijpen, dat von Below de eer van de ontdekking ·der
historisch economische maatschappijbeschouwing voor een ander dan
Marx opeischt. En ik geef volkomen toe, dat hier eenige grond-
gedachten er van gegeven zijn. Maar ze dateeren uit het jaar 1851, toen j
A niet alleen het Communistische Manifest al was verschenen, maar Marx ’ ‘‘ j
en Engels ook in tal van andere publicaties hun sociologische werk-
methode al broksgewijze hadden geformuleerd en toegepast, wat aan ‘
Von Raumer niet kan ontgaan zijn. En bovendien, waar is vóór Marx _
jj? het verband van het economische milieu met de arbeidsproductiviteit, j
jj de klassenconstellatie als onderdeel van het economisohe milieu, de Q
` beweging in het economisch milieu in verband met de ontwikkeling van i
i. de arbeidsproductiviteit, de beteekenis van den klassenstrijd en van de L
jj sociale revolutie, de economische gedetermineerdheid van a 1 e ·
ideologieën, de eenheid van passiviteit en activiteit in de milieutheorie,
_
jnjjj A--_-L--·“__ïAYiAi4_4fWfff Y W Y Y ni f W Y ,· g __ , , _