HomeVan burgerlijke staathuishoudkunde tot proletarische maatschappijleerPagina 20

JPEG (Deze pagina), 1.22 MB

TIFF (Deze pagina), 7.62 MB

PDF (Volledig document), 37.87 MB

18 ` .
i De oplossing van het sociale vraagstuk door productieve associaties,
maar nu in het bijzonder gedacht voor de verschillende voort- ·
i brengingstakken der industrie, werd in een latere periode van _ _ _
T ·[ de kapitalisische ontwikkeling in Frankrijk nog voorgestaan _ j
o.a. door Buchez en Louis Blanc, in Duitschland door Lassalle. ' i.
i Deze opvatting. kon zelfs voor de industrie toen nog over-
weging verdienen, omdat in die dagen, wat kapitaal en leiding
j ” betreft, nog geen hooge eischen aan het bedrijf behoefden te §
p; . worden gesteld om in de concurrentie staande te kunnen blijven. °’.
« Naast de genoemden staan theoretici met minder ver reikende toekomst- _‘
i ` phantasieën. De merkwaardigste van hen is de anarchistisch aange- _
E legde kleinburgerlijke Proudhon met zijn standpunt tusschen kapita-
‘ ä lisme en socialisme in, zijn voorstel nl. om, de kapitalistische bedrijfs- `
K ä vrijheid en zoo natuurlijk ook de productieanarchie en de verspilling
T jj van productieve kracht intact latende, door kostelooze crediet- e i
i ; verstrekking de kapitaalwinst te doen verdwijnen. Al deze utopische · L
| i denkers, van Fourier en Owen tot Proudhon, hadden gemeen, dat zij j
een rationalistische, eenzijdig constructieve oplossing voor stonden, l .,
l l `,i_ waarvan zij meenden, dat zij bedacht en verwezenlijkt kon worden,
ml zonder dat zij in de maatschappelijke verhoudingen noodwendig
i jj behoefde te groeien, nl. doordat de productie er rijp voor moest worden
« ‘ en er met de economische ontwikkeling een talrijke en overmachtige ä V
j groep van menschen moest worden gevormd, door wie die oplossing
` zou worden gewild. Zij verschilden echter weer in de wijze van ‘ A
realiseering hunner toekomstphantasieën. Wel is allen rnin of meer
li gemeen de erkenning van het bestaan van twee, door het eigendoms-
‘, recht op den grond, de grondstoffen en de arbeidsmiddelen geschei- O .
den, klassen met overwegende belangentegenstelling. Trouwens, het
j bestaan van maatschappelijke klassen, in verband met de positie
in het arbeidsproces en het bezit van bepaalde productiefgoederen,
was reeds in den strijd van de opkomende burgerij tegen de feodale
‘ machten aan vele theoretici duidelijk geworden. Bij Gray,
j Thompson, Cabet, Buchez en Louis Blanc was de economische ver- ` {
houding der klassen een belangrijk onderwerp van hun beschouwingen. '
Maar velen erkenden nog niet de noodzakelijkheid van den
s t r ij d der proletarische klasse om tot lotsverbetering te komen. _
Fourier en Owen bijv. meenden, overeenkomstig hun eigen philan­ ”
tropische neigingen en de onrijpheid van de arbeidersklasse van die
dagen, dat hun ideaal moest worden verwezenlijkt (hierin kwamen
i‘ zij weer overeen met de St. Simon) door hun toekomstplannen aan j
de machthebbers van hun tijd als eenige uitkomst voor de lijdende
menschheid te prediken. lntusschen bleek uit de practijk van het y
. 1 ‘
l. lj U ‘
" _ . §
,. ,,.. r j . . te
·;j_j,‘_j_;_;__;,_; ,... YL ..-l'x...· --· ~·~`·~~­~~-·~~·----·~-~·~··r""'^"""‘“""`Trin