HomeVan burgerlijke staathuishoudkunde tot proletarische maatschappijleerPagina 18

JPEG (Deze pagina), 1.09 MB

TIFF (Deze pagina), 7.61 MB

PDF (Volledig document), 37.87 MB

ï jj
16
j , ’ kapitalisme mee en stond critisch tegenover dezen maatschappij-
g vorm. Hij heeft daardoor den invloed ondergaan van het historicisme, · _ "
F relativisme en organicisme van de romantisch reactionaire school.
j Hij naderde echter meer dan deze tot de consequente evolutionistische
i i beschouwingswijze, omdat hij niet contrarevolutionair was, over het ‘
A j kapitalisme heen wilde. Maar de mogelijkheid van de totstandkoming
van een geheel nieuwen maatschappijvorm zag hij toch nog niet, al _
beschouwde hij ook het onbeperkte private eigendomsrecht als de
I hoofdoorzaak van de maatschappelijke ellende.
j _ De St. Simon, die in de intellectueele voorhoede van de burgerlijke .
_ ii klasse stond, week ook van de contrarevolutionaire richting af met zijn
T waardeering voor de exacte wetenschappen. Vandaar dat zijn maat-
p schappijonderzoek een empirisch, natuurwetenschappelijk karakter S _
H i kreeg en zich in de richting van een ,,physique sociale_" ontwikkelde.
H Zoo naderde ook hij tot maatschappelijk determinisme en begon
X hij den domineerenden invloed van den economischen factor voor het
i · geheele maatschappelijke leven tevens al te zien. Een verandering
i van beteekenis, omdat de Fransche en Engelsche materialisten het
rit c individu wel physiek, maar slechts in geringe mate maatschappelijk t
gedetermineerd zagen en de beteekenis van de economische verhou-
· dingen hoogstens eenigermate aanvaardden bijv. voor het recht, voor _
j moreele ontaarding en criminaliteit, niet voor de ideologieën in het
. algemeen. ·
Bij de St. Simon werd de maatschappijleer ook méér dan staathuis-
li - houdkunde. Hij zag, evenals de romantisch reactionaire richting vóór
E hem, dat het maatschappelijk gebeuren meer omvat dan het zaken- ·
ij leven van de burgerlijke klasse, dat de homo economicus een historisch j
verschijnsel is, dat de maatschappij een eenheid is van primair econo- j
S misch en ideologisch sociaal gebeuren en dat men de economische H
verschijnselen niet afzonderlijk kan bestudeeren zonder de ideologische, `
` in het bijzonder moraal, recht en wetenschap, en omgekeerd. De alge-
meene maatschappijleer, de sociologie als eenheid van alle sociale
, ·‘ wetenschappen, die zich tot deze heeft te verhouden, zooals men zich i
tegenwoordig de philosophie als de centrale wetenschap van alle
ilïjiiij afzonderlijke wetenschapsgebieden denkt, begon zich bij hem te °
ontwikkelen.
Al deze grondgedachten van de St. Simon vindt men meer uitge-
werkt bij zijn leerling August Comte. Met dit verschil echter, dat
_ Comte meer den nadruk legde op de, utilitair te beschouwen, weten-
schap als determinante van de maatschappelijke ontwikkeling en ver-
volgens, dat hij de evolutieopvatting nog verder uitwerkte, den over-
‘ j gang van den eenen maatschappijvorm in den anderen, nog meer dan de
fi
" § i
2 ll
ï ..i .