HomeVan burgerlijke staathuishoudkunde tot proletarische maatschappijleerPagina 16

JPEG (Deze pagina), 1.19 MB

TIFF (Deze pagina), 7.62 MB

PDF (Volledig document), 37.87 MB

~­-­=--»~­-·--~rr- -~­- . *>* ‘‘·‘ ‘ W­ ef '‘ » ** "·? is ï‘f=* `‘ï`
I I4 i j
e arbeidsvreugde, zijn toomloos egoïsme, zijn verbrokkelde geestes­
j I leven, zijn lichamelijke en geestelijke ontaarding bracht, staken voora.l .
Y de in vroegere economische verhoudingen groot geworden contra- I
I revolutionaire machten van die dagen, de adel, de kerk en _de
, monarchie, het hoofd weer op. Zij wezen op de tekortkomingen van H
T het kapitalisme op economisch en ook op ideologisch gebied. In
` plaats van den afkeer der oudliberalen voor het verleden, hadden j Z _
zij walardeering, speciaal voor de middeleeuwen. De instellingen en _ I i U
I het voelen en denken van dien tijd waren voor hen geen
I _` vergissingen, waarvoor men de schouders heeft op te trekken, maar
F verschijnselen, die zij zich met liefde voor den geest haalden. Zoo
F . kwamen zij niet alleen tot ver gaand historisch onderzoek, waarbij 1
‘ ingrijpende maatschappelijke veranderingen werden geconstateerd, die _. ,
HI geen vooruitgang werden geacht, maar brachten zij het ook tot de I J
Z I r e l a t i v i s t i s c h e beschouwing van vroegere maatschappelijke
F · phasen, waarbij aan elk maatschappelijk verschijnsel in ‘het historische
I _' verband een betrekkelijke waarde wordt toegeken-d. En daar zij niet
l t aan herstel van het door hen verheerlijkte en terugbegeerde verleden Z
konden gelooven en evenmin een eigen nieuwe toekomst voor zich · l
I , zagen, ontbrak bij hen nog de gedachte aan een s t e e d s d 0 o r-
g aa nd e ontwikkeling op economisch en ideologisch gebied, die i _
I " een ander kenmerk is van de consequente evolutionistische
I beschouwingswijze. Heine heeft van een der litteratoren van deze
richting, den romanticus Friedrich Schlegel, geschreven: ,,Het heden
i' haatte hij, de toekomst verschrikte hem en slechts in het verleden, ·
i_· dat hij beminde, drongen zijn openbarende zienersblikken". En in ·
I I , von Belows ,,Deutsche Geschichtschreibung" vindt men deze treffende I
passage: ,,Ofschoon de romantici het worden van het recht leerden, I
wilden velen van hun politici van een worden in het heden minder I
weten". ·
Voor die romantisch reactionaire richting was het individu geen
zelfdoel, waren de maatschappelijke instellingen er niet uitsluitend
I, om den mensch. Tegenover het individualistische, atomistische vrij- "
heidsprincipe en het beginsel der volkssouvereiniteit van de klassieke I
t` liberalen stelden zij de gebondenheid en de gesubordineerdheid, de
plichten van het individu ten opzichte van de gestelde machten, van
` 4 den staat, en de beperktheid en gedetermineer-dheid van het individu
in het maatschappelijke verband. De maatschappij was voor hen een
organisch geheel, dat zich niet alleen door het streven en het bewuste
~- _ ingrijpen van den mensch, maar krachtens bovenmenschelijke objec- '
?· · . tieve en niet intellectueel, empirisch te doorgronden krachten ontwik- I
kelt. Het recht bijv. beschouwde deze school niet als gemaakt, maar
ll e .
t