HomeOpbrengstvermeerdering in den boschbouwPagina 17

JPEG (Deze pagina), 942.80 KB

TIFF (Deze pagina), 7.79 MB

PDF (Volledig document), 19.94 MB

15
last but not least, aan den afzet van zeer licht uitdunningshout, die
door de onvermoeide werkzaamheid van de afdeeling ,,kleine hout-
sorteeringen" van de Ned. Heide Mij. langzamerhand is ontstaan en
waardoor de tot voor kort veel geld kostende uitdunningen in onze jonge
bosschen thans financieel voordeelige maatregelen zijn geworden.
In dit verband behoort volledigheidshalve ook de aandacht ge-
vestigd te worden op mogelijke opbrengstverhooging door het
zoeken van afzetgebieden en het aan de markt brengen van zgn.
bosch­bijproducten. Hier moge ik dan wijzen op de uitgestrekte
dennenbosschen (Pinus Merkusii) in Atjeh, die tot voor enkele
jaren geen opbrengst gaven, aangezien houtopbrengsten, tengevolge
van de geïsoleerde ligging, uitgesloten waren. Thans ontwikkelt
zich in die bosschen, dank zij de bemoeiingen van het Boschwezen
in Ned. Indië en 's Lands caoutchoucbedrijf aldaar, een industrie
voor hars- en terpentijnwinning, die reeds een netto-overschot op-
levert en op den duur wellicht aan die bosschen een belangrijke
netto-opbrengst zal weten te onttrekken. Dergelijke opbrengst-
verhoogingen laten zich elders in Indië met meer of minder groote
zekerheid voorspellen voor houtskool-, damar­, looibast-, getah-
pertjah­ en vetwinning en willicht nog voor andere, thans nog minder
bekende boschproducten.
Hoewel plaatselijk de afzet van kleine houtwerken en meer nog die '
van zeldzame boschbijproducten, een overwegende rol zullen
spelen, zal toch het boschbedrijf, als een groot geheel gezien, in de
allereerste plaats te streven hebben naar opbrengstverhooging door
een grootere en minder uitgaven eischende productie van hout in
zwaardere afmetingen. De wezenlijke taak van het bedrijf in de
productiebosschen is toch het produceeren van het voor de samen-
leving benoodigde hout in de meest gevraagde sortimenten.
Al moet nu onomwonden worden toegegeven, dat kennis van oeco-
nomie en doelbewuste toepassing van hare leerstellingen tot op heden
een veel grooteren invloed hebben gehad op de financieele resultaten
van het boschbedrijf dan de toepassing van natuurwetenschappelijke
kennis, zoo moet ik er toch opnieuw op wijzen, dat zonder den hout-
teeltkundige het doel zeker niet bereikbaar is.
Immers zou zonder houtteeltkundige kennis en voorlichting het
eenmaal gekapte bosch wel nauwelijks opnieuw in cultuur kunnen
worden gebracht en zou van de boschverpleging en boschverjonging
zonder de wetenschap van de houtteelt al heel weinig terecht komen,
zoodat oeconomische overwegingen al heel spoedig overbodig zouden
worden. Maar wij, boschbouwkundigen, behoeven vooral de hout-
teelt, om ons te bevrijden uit een engen kerker, waarin wij zijn op-