HomeHet kalktoestandsonderzoek van den grond in en voor de praktijkPagina 27

JPEG (Deze pagina), 593.71 KB

TIFF (Deze pagina), 3.35 MB

PDF (Volledig document), 22.65 MB

_ 25
y meer mergel gebruikt dan de oorspronkelük be-
; rekende hoeveelheid. Het proefveld werd gespit, j
wat nu niet bepaald een gebrekkige grondbewer-
king kan worden genoemd.
, Ik herhaal dat ik bezwaar moet maken tegen
j de wijze waarop van deze bemestingsproef ver-
3 - slag is uitgebracht. Het is steeds gewoonte ge-
weest (een vanzelf sprekende gewoonte overigens)
dat de hoeveelheden der gebruikte meststoffen
nauwkeurig werden medegedeeld. Met deze ge-
; woonte heeft lr. Cleveringa gebroken. Nergens
staat vermeld hoeveel mergel op de veldjes Ill en
T IV is uitgestrooid ; ook is nergens vermeld of be-
§ halve die perceelen ook nog andere bemergeld zijn {
geworden. Volgens het proefplan lag dit niet in
t de bedoeling maar of het ook niet gebeurd is,
V weet ik­niet. Wel blijkt uit het verslag dat althans
f in den herfst van 1926 gebruik gcalllääliï van
ï zwavel! Dat is zeker niet in overeenstemming V
; met de opzet van de proef.
V Het vermoeden ligt voor de hand dat die zwa-
vel gestrooid is over de veldjes die zure bemes- t
ting ontvingen. Boven merkte ik reeds op dat
V die veldjes zich niet naar wensch gedroegen, dat
V n.l. de kalktoestand gaandeweg beter werd in-
; plaats van slechter. Uit het kalktoestandsstaatie l
blijkt evenwel dat ondanks die zwavel, de kalk- .
_Q toestanden in 1927 op alle perceelen een weinig .
1 naar boven liep.
j lk meen voldoende te hebben aangetoond dat:
" 1. de kalktoestand nul niet bereikt is ondanks
de groote moeite welke men zich getroost heeft ;
V 2. de zuur bemeste veldjes geleidelijk in kalk-
toestand stegen. Getracht is, dit verschijnsel met
zwavel weg te werken ;
3. zelfs op kleine perceelen de overeenstemming
‘ tusschen de kalktoestanden op de parallellen veel-
al te wenschen overlaat.