HomeBeschouwingen betreffende de ontginning en de bebossching in de provincie NoordbrabantPagina 37

JPEG (Deze pagina), 0.96 MB

TIFF (Deze pagina), 6.52 MB

PDF (Volledig document), 49.75 MB

L
gl
li . t
I?
40
’§
bedrijfsgebouwen v-oor den landbouw wordt in streken, die nabij
groote boschcomplexen liggen, veel hout uit die bosschen gebruikt.
Alle houtgebruikende industrieën betrekken bij voorkeur het hout
uit de omgeving; de omgeving van de Houtvesterij Breda biedt in
dlit opzicht een sprekend voorbeeld.
De groote beteekenis van het boschbedrijf ten opzichte van de hou·t-
gl s voorziening, vooral voor den boerenstand, doch feitelijk voor de
geheele plattelandsbevolking aanvankelijk in den vorm van gerief-
hout, doch, naarmate ·de bosschen ouder worden, ook in anderen
vorm, kan niet licht worden overschat. _
i Bosschen dragen in zeer vele gevallen in niet onbelangrijke mlate _
bij tot de verhooging van het natuurschoon. Zij nemen in het
boscharme Nederland als zoodanig dan ook een voorname plaats in
Van welke groote beteekenis de bossohlen in dit opzicht voor een '
streek kunnen zijn, wordt ten duidelijkste aangetoond door het Mast-,
jj het Lies- en ;het Ulvenhoutsche bosch bij Brelda die jaarlijks duiz·enl­
den: bezoekers trekken. Niet alleen de Ibewoners van Breda en van ‘
omgevenede plaatsen profiteeren van deze bosschen, doch ook vele
vreemdelingen komäen hier verpoozing zoeken of brengen er hun
vacantie’s ·door. Aan dit vreemdelingenabezoek hebben vele pensions
hun ontstaan te danken, waardoor deze bossclreir v-oor de welvaart ,
j. · van deze streek eene bijzondere beteekenis hebben. De bebossching
van woesten grond is dus ook in dit opzicht van belang en in het
bijzonder in de nabijheid van steden. Doordat er uit den! aand der
zaak geruime tijd mee is gemoeid, vóórdat de aangelegde bosschen
het bijzondere karakter van het boschnatuurschoon dragen; is het
ë ’ zaak om hetgeen op dit oogenblik reeds in ·O11S lan·d in dit opzicht
geboden wordt, z-ooveel .mogelijk te handhaven en te verbeteren.
In Noordbrabant gaf de gemeente Deurne daarmede een voorbeeld
door het behoud en de verfraaiing van ,,het Zand­bosch".
Ten opzichte van het natuursch­oon moet hier niet uitsluitend aan g
bosschen worden gedacht, doch ook aan andere mooie plekjes in i
ii de natuur, aan vrijstaande boomgroepen, aan de beplantingen langs
wegen, straten en dergelijke.
_ Te ­dezer plaatse zij de aandacht gevestigd op het belangrijke
werk, dat de Vereeniging tot Behou·d van Natuurmonumenten in
i het belang van de bewaring van het natuurschoon verricht. Deze
vereeniging is in ons land krachtig werkzaam, waar het instanl­
houding of uitbreiding van nrooie stukken natuur geldt. In Noord-
{ brabant heeft zij in de jaren 1913, 1916, 1918 en 1921 de ven·nen
en bosschen bij Oisterwijk aangekocht, ten einde deze als natuur-
monument te behouden. Het complex, ·dat i 285 H.A. groot is, is
I v-oor het pu·bliek vrij toegankelijk. Uit het drukke bezoek mag wor-
deni afgeleid, dat de instandhouding en uitbreiding van dit stuk
typisch Bralbantsch natuurschoon zeer wordt gewaardeerd. In 1922
El