HomeDe werkwijze van den Ned. Bond tot Bestrijding der VivisectiePagina 22

JPEG (Deze pagina), 1.15 MB

TIFF (Deze pagina), 7.39 MB

PDF (Volledig document), 28.38 MB

ä
. i
Ei j
destructieve medestanders hebben wij onherstelbare schade te duchten,
1 en daarom meenen wij, dat centraliseerend toezicht een dringende eisch
V‘ is in het belang van onzen Bond en van onze gansche beweging. Ook dit
1 dreigende gevaar voor geval een afdeeling niet bereid mocht zijn zich aan ,
de controle door het H. B. van al haar publicaties te onderwerpen, was
ig voor mij een der argumenten voor mijn voorstel ter jaarvergadering 1929
;’ tot opheffing der afdeelingen.1)
, TOEKOMSTVISIE.
, Na dit overzicht aangaande de geschiedenis van onzen Bond en haar i,
_ werkwijze wil ik niet verzwijgen hoe ik de toekomst van onzen Bond inzie,
i indien het optreden van arts Pijl en zijn aanhangers wordt voortgezet,
i zooals het ter jaarvergadering van 21 Juni 1930 is ingezet. L
Uit deze geschiedenis kan men zien, hoe in den moeilijken tijd voor
J den Bond de heer Pijl korten tijd in het Hoofdbestuur zitting heeft
Q gehad en daar niets van beteekenis gedaan heeft. Nu de Bond, dank zij
de volhardende activiteit van ons Hoofdbestuur, over het doode punt i
. in een stijgende lijn gekomen is, meent de heer Pijl, gesteund door
een aantal nieuwgewonnen leden, die van de toestanden ten eenemnale
j onkundig zijn, het roer in handen te moeten nemen. Tal van grieven
worden opgesomd en opgestapeld, grieven, waarvan enkele misschien mo-
j menteel eenigen grond van waarheid kunnen hebben, maar die ten op- =j
1 zichte van den geheelen gang van zaken in het Bondsleven zeer onbe­
* , duidend zijn.
g Over zulke punten had redelijk overleg kunnen gepleegd zijn, waartoe ä
het Hoofdbestuur volkomen bereid was. De heer Pijl is daartoe uit-
ï genoodigd, maar heeft die uitnoodiging afgeslagen. In plaats daar- P
van heeft hij achter den rug van het H. B. om aan alle leden circu- j
laires gezonden, waarin tal van kleinigheden sterk werden opgeblazen i
j en als fouten aan het geheele Hoofdbestuur werden aangerekend; de * `
candidatuur der aftredende leden, tegen wie deze grieven niet eens golden
§· . (waaronder Dr. Lie rnur, die juist de waardevolle enquête over de Z
Qi, vivisectie bij het Middelbaar en Voorbereidend Hooger onderwijs had ,`
j ingesteld), werd bestreden en zelfs gepoogd het geheele Hoofdbestuur
tot aftreden te dwingen.
Erger nog is, dat onware beschuldigingen tegen het Hoofdbestuur
werden gericht, in de circulaire van 4 juni 1930, samengevat in de slot- P
jg som: ,,Het huidige Hoofdbestuur staat niet de belangen voor van de i
bestrijding der vivisectie". Middelen werden aangegeven, opdat de Haag-
A ; sche leden tegen geringe kosten met gezelschapsbiljet in grooten getale j
de jaarvergadering zouden kunnen bezoeken, en zelfs werd een beperkt I
aantal vrijbiljetten beschikbaar gesteld. `
1) Helaas is de nieuwe Afdeeling ’s­Gravenhage, die in allerlei opzichten aan het i
·j H.B. de wet poogt voor te schrijven, al dadelijk van deze gedragslijn afgeweken. i
’ Het nadeel dat de Bond door haar eigenrnachtige publicaties kan ondervinden, is niet
ii te overzien. j
j
1 .
.1