HomeDe werkwijze van den Ned. Bond tot Bestrijding der VivisectiePagina 13

JPEG (Deze pagina), 1.12 MB

TIFF (Deze pagina), 7.32 MB

PDF (Volledig document), 28.38 MB

I
l .
I
II
De leden. Het doen toenemen van het ledental was wel de moeilijkste
. taak van het Hoofdbestuur. De reden daarvan ligt in den aard van den
I vivisectiestrijd.
I Vooreerst omdat deze buiten het dagelijksche leven der menschen
j staat, en het een ingespannen studie vereischt om er eenigszins van op
de hoogte te zijn. Deze bezwaren zijn het beste in te zien door vergelijking
Q met verwante vereenigingen als de Vereenigingen tot bescherming van
I dieren en den Vegetariërsbond.
« Leden van dierenbescherming zien als ’t ware dag aan dag gevallen
van dierenmishandeling, en ook het nuttig effect van vereenigingen die
_ j daartegen optreden.
Leden van den Vegetariërsbond beoefenen dagelijks de praktijk van
IE de vegetarische leefwijze.
Maar de vivisectiebestrijders zien rechtstreeks niets van de gruwelen
I die zij bestrijden. Ze kennen die uit lectuur of uit mondelinge verhalen,
li en worden lid van den Bond, gedreven door hun goede en medelijdend
I hart. Maar dan hooren of merken zij er niets meer van, vooral niet die tal-
5 rijke leden, die de gruwelen zoo erg vinden dat zij er maar liever niets
, over lezen. Van de wetenschappelijke noodzakelijkheid, welke de vivi-
{ sectie volgens de voorstanders heeft, weten ze niets uit gebrek aan kennis.
Wanneer hun dokter hen er over aanvalt, kunnen zij zich niet verdedigen.
I Wanneer zij ziek worden, zullen zij, zoo zij de raadgevingen van hun ge-
' wonen arts ( en hoe buitengewoon gering is het aantal consequent-anti-
I vivisectionistische artsen!) gehoorzamen, middelen gebruiken die door
i vivisectie verkregen zijn. En wanneer ze dan over dit onderwerp met hun
g arts in geprek komen, zal deze hen gemakkelijk kunnen overtuigen dat de
anti-vivisectie een mooi ideaal is, maar praktisch onbereikbaar.
i Het feit, dat de gemoeds-dierenvriend tegenover iederen deskundigen
I voorstander van vivisectie onmachtig is zijn standpunt voldoende te
verdedigen, belet zeer velen lid te worden.
Zij die toch lid worden, en zich om verstandelijke argumenten niet
bekommeren, waar het een gewetensvraag geldt, doorzien niet de enorme
moeilijkheden waarvoor de vivisectiestrijd geplaatst is. Ze betalen eenige
, jaren hun contributie, constateeren dan dat de Bond nog niets bereikt
I heeft en in afzienbaren tijd wel niets bereiken zal, en velen bedanken dan
j als lid om hun geld aan een vorm van dierenbescherming te geven, waar-
ë van zij meer resultaat zien.
Deze en soortgelijke redenen hebben gemaakt, dat het Hoofdbestuur
j steeds geworsteld heeft met groote laksheid van de leden. Ze waren niet
of slechts met de grootste moeite tot eenige inspanning te bewegen. De
i jaarvergaderingen waren altijd slecht bezocht, hoewel geregeld van
1 wege het Hoofdbestuur nog bij de meest belangstellende leden door
I. persoonlijk schrijven op vergaderingbezoek werd aangedrongen 1). In den
regel liet de overgroote meerderheid der leden het werk aan het Hoofd-
I _;._
1) In verband met de tegenwoordige actie van den heer P ij l zij opgemerkt, dat ook hij
ä de laatste jaren als lid niet op de jaarvergaderingen werd gezien.
S
I