HomeLandhuishoudkundige school te GroningenPagina 16

JPEG (Deze pagina), 650.48 KB

TIFF (Deze pagina), 4.70 MB

PDF (Volledig document), 13.22 MB

14
Wanneer de ambtenaren der Regering, in plaats van i
A ons te helpen, ons tegenwerken en onzen goeden naam
ondermijnen, is het onmogelijk, dat eene lnrigting van
partikulieren, hoe veel moeite men zieh daar ook voor
gegeven hebbe , het in dien ongelijken strijd kan uithouden.
Moet onze lnrigting vallen, wij willen dien strijd dan
toch tot het laatste toe volhouden, omdat het onze innige
overtuiging is, dat wij op den goeden en voor ons land
alleen geschikten weg van landbouw~onderwijs zijn en dat
` wg geschikte helpers bij het onderwijs hebben.
Wat ons zelve hetreft, wij maken allen de woorden
van ons medelid, den lloogleeraar VAN HALL 1), tot de
onze: »dat wij in het openbaar verklaren bereid te zijn,
nu reeds dadelijk ons werk aan de landhuishoudkundige
school neder te leggen, mits wij die zaak in goede handen
kunnen overdragen; hetzij dat de landhuishoudkundige
school te Groningen , onder een goed bestuur en bij lang-
j zame uitbreiding, blijve wat zij thans is, of dat zij geheel
l of gedeeltelijk in eene landsinstelling overga; waartoe de E
, gelegenheid en de geheele omgeving te Groningen gunsti-
ger zijn dan op eenige andere plaats in ons vaderland;
het laatste, omdat hier veel ondervinding di.at‘orntrent t
j reeds is opgedaan, vele zaken verzameld zijn en men .·<
r voorzeker niet ongenegen zoude de voor 25 jaren
aangevangen zaak van partikulieren in eene meer alge-
rneene landsinrigting te doen overgaan."
t Ten slotte rekenen wij ons nog verpligt, een woord
te zeggen omtrent liet. gezegde des illinisters, aangaande
het noodige van verantleriiig, opdat daarvan het gevolg
i zij rvooruitgatm en medegaen met den tegeiitvoordiyen land-
t bouw, zoe als die zich buitwz ’slctnds zoo kraclztig eat-
wikitelt/' Wij meenen te moeten opmerken, dat de
'). Tg)'r?sclw·@”t voor Najaar/wiel, 1868, bl. 2-3.
t

E