HomeNogmaals zaaien of planten bij aanleg van boschPagina 8

JPEG (Deze pagina), 1.21 MB

TIFF (Deze pagina), 7.50 MB

PDF (Volledig document), 11.24 MB

° i l
8 I 4
· 2
Een andere kwestie is de bodem. Verschillende berichtgevers E
schrijven: We zouden weer grove dennen zaaien, als we grond
hadden, die daarvoor geschikt is. In verband met deze beper-
kende voorwaarde kan het volgende worden opgemerkt. Be-
zaaiingen van groven den op een loodzandlaag van eenige be-
teekenis mislukken dikwijls. Het meest geschikt zijn grofkor­
relige zandgronden, waar de bodem niet uitgeloogd is. Ook ·
plaatsen ,waar een boschturflaag aanwezig is, zijn zonder meer
. ongeschikt voor bezaaiing. In gronden, die geen humus bevat-
ten, zooals zandverstuivingen en duinen, heeft zaaien weinig E
resultaat. ` , _ M
Als we de redenen nagaan, die opgegeven worden voor het I _
· overgaan tot planten, dan blijkt het volgende. ` 1 '_
De_ heer Pabst heeft na het jaar 1911, toen het zaaien mis-- ‘
lukte, besloten verder te planten. I .
In het Vierhouterbosch hebben de eigenaren gemeend, dat `
aan zaaien minder risico verb·onden was en de jonge bosschen
beter en regelmatiger groeiden; i
· Boschwachter Staf heeft eigenlijk nooit begrepen, waarom E
men zoo van ’t zaaien is afgegaan. Hij schrijft o.a.: ,,Een reden _
,,’zal ook wel zijn, dat de geplante bosschen in de jeugd zeer
,,sterk groeien, zoodat men oogenschijnlijk beter doet met
,,planten, ofschoon de heer Van Schermbeek zeide: het is geen ; ·
,,kunst om een bosch in de jeu-gd hard te laten groeien. Ik heb
,,echter meermalen gezien dat pp later leeftijd de gezaaide bos-
,,schen de gepote vooruitkwame_n." ‘
De heer Westra van Holthe is van meening, dat men vro-eger
. zaaide, omdat toen ter tijde de planten niet zoo gemakkelijk te _ I
verkrijgen waren. _ ‘ ,· »
De heer W. H. van Berkum deelt mede, dat, hoewel te Breda A i
reeds omstreeks 1860 werd begonnen met mastplanten­, toch
_ neg lange jaren ook gezaaid werd. Eerst allengs is men begon- ‘ h ‘
nen uitsluitend te planten. Hij beschouwthet planten als zui-
j nigheidsmaatregel. _ ` ‘
I Uit een bedrijfsplan van het Mastbosch van het Staatsbosch­
y bedrijf bij,Breda blijkt, dat daar tusschen 1880 en 1890 vrijwel ,
i alle bezaaiingen mislukten, en men daarom overging uitsllui­ .
tend te planten. Als men bedenkt, dat elders, 0.a; te Ede, in die
jaren geen enkele bezaaiing mislukte, dan kan men moeilijk `
l ‘ ` l s