HomeNogmaals zaaien of planten bij aanleg van boschPagina 7

JPEG (Deze pagina), 1.21 MB

TIFF (Deze pagina), 7.57 MB

PDF (Volledig document), 11.24 MB

E
. u strooien fijn gestooten, doch d.e diepere lagen waren zon-
der meer voor uitstrooien geschikt.
5. Na het ov·eraarden ging de arbeider nog een paar; maal
de omgeving met een schop zand rond om te zien, of
overal voldoende zan-d gestrooid was.
6. Ten slotte werd de afgelegde steek grond weer in het gat ,
A _ geworpen.
· Interessant zijn ook eenige gegevens uit het Edesche bosch 2
omtrent de kosten. ‘ i
Zoo werden er in 1920 en ’22 in de Sijsselt 8.25 I-LA. dennen
geveld, welke in ’74 en ’7 5 op geheel onbevverkten grond waren
` aangelegd; de aanleg kostte toen hoogstens 25 gld. per H.A.
. _ (zaad, arb·eidsl·oon en overaarden). De opbrengst bedroeg bij
.r s de velling 1380 M3 of 170 M3 geschild hout per H.A. Hierbij c
dient nog te worden opgemerkt, dat door de zaaiing de stand
dicht was en er bij dunningen belangrijke vooropbrengsten wer-
. den verkregen. Vooral in deze streek van het land komt dit
voordeel van het zaaien tot uiting. Zie verder jaargang 1910:
_ V0o·r­' en nadleelen van zaaien en planten, door H. Staf. .
,f V;. Ten slotte willen we nog even nagaan, welke redenen de be-
` richtgevers hadden om van zaaien tot planten over te gaan.
E U Een meer genoemde reden is de risico van het slagen.
i " " Inderdaad, de Weersgest-eldheid kan aan het welslagen van "“
een bezaaiin.g veel toedoen. Wij meenen echter, dat de practijk
V g ` ook wel degelijk zich· wapenen kan tegen den nadeeligen in-
· te _ vloed van het weer. Zoo helpt bij droogte in het voorjaar na
de bezaaiing een extra­overzanding dikwijls merkwaardig goed.
Ook onze berichtgevers wijzen er op, dat het gemakkelijk aan-
schaffen van plantsoen het planten zeer in de hand gewerkt heeft.
j ­ In verschillende gevallen is men tot planten overgegaan op
i · last van zijn superieuren, die er op wezen, dat beplantingen
g zooveel "gelijkmatiger en sneller groeiden, althans in de jeugd.
T­e Ede heeft m-en gemeend, dat de Retinia-schade het gevolg
, was van den aanleg door zaaien. Hier zijn daarom bij de her-
vorming van een groot vak, dat door de Retinia’s gedood was,
de dennen geplant. Zooals we reeds opmerkten zijn ook aan
jonge geplante dennenbosschen ernstige beschadigingen te con-
` i stateeren geweest. Dergelijke beschadigingen mogen dus o.i.
{ geen reden zijn om tot wijziging van cultuurmethode over te gaan.
l ­ `
l « 1
ar. j _ ` · .
. `V ;·· c ·f’ Y.;i;­.i.ri..;,. ,i,,...1,i,....ï1.i .1 ,.,...,nn...n.....r,,.i.r.r....o....1i.,.. ;....l,,_ , -_.. .. rr A