HomeDe Nederlandsche boschbouw en de wereldhoutvoorziening.Pagina 25

JPEG (Deze pagina), 1.28 MB

TIFF (Deze pagina), 8.10 MB

PDF (Volledig document), 34.45 MB

x
l
l
ä
l DE NEDERLANDSCHE BOSCHBOUW EN DE WERELDHOUTVOORZIENING. 527
Maar niet alleen moet rekening worden gehouden met een hout-
tekort door het uitgeput raken van de groote houtvoorraadschuren.
De oorlogsjaren, die ons nog zoo versch in het geheugen liggen,
hebben ons op gevoelige_wijze geleerd, dat zich omstandigheden
‘ _ kunnen voordoen, die een tijdelijk tekort aan hout veroorzaken. De
j internationale houthandel was in den oorlog stil gelegd en vele
-{- landen, ook ons land, waren gedurende eenigen tijd aangewezen
j op den eigen voorraad. In ons land werd in de eerste oorlogsjaren
j rijp en groen geveld om als brandstof te dienen; er waren fabrieken,
die dagelijks wagonladingen jonge dennen verst ookten wegensgebrek
j aan steenkolen ; men hakte er maar op los, zonder te denken aan
l de toekomst, noch aan onze steenkolenmijnen, die toch in de eerste
· plaats van het noodige hout moesten worden voorzien. Door de
‘ á Nood-Boschwet werd getracht eenige leiding aan de zaak te geven.
Het vellen van goedgroeiende jonge bosschen werd belet en de
dennenbosschen, die mijnhout bevatten, mochten slechts worden
geveld, als zekerheid bestond, dat het hout naar onze mijnen
l zou gaan. Door inventarisatie door het Staatsboschbeheer van alle
dennenbosschen in ons land, die geschikt waren voor mijnhout,
_, j werd een inzicht verkregen omtrent den voorraad mijnhout, die in
`l N ons land aanwezig was. Het bleek toen, dat die voorraad nauwelijks
’ toereikend zou zijn, om gedurende 2 à 3 jaren in de toenmalige
behoefte aan dit hout te voorzien. Wij zagen reeds, dat die hout-
. voorraad bij het tegenwoordige mijnhoutgebruik slechts voor onge-
veer r 1/4 jaar zal toereiken. Naarmate dit houtgebruik op den duur
p toeneemt, zal deze termijn steeds korter worden. Geeft ons dit niet
~ te denken ?
· _ Ongetwijfeld zal Nederland nimmer in staat zijn zich geheel los
te maken- van den houtimport en uit eigen bosschen in zijn hout-
_ _ behoefte te voorzien. Dit neemt echter niet weg, dat de tegenwoor-
dige toestand, waarbij slechts 1/, gedeelte van het houtgebruik in
`1 ons land wordt voortgebracht, hoogst onbevredigend is.
Niet alleen in verband met het te verwachten wereldhouttekort,
maar ook om in geval van gedwongen stilstand van den hout-
· invoer, door oorlog als anderszins, minder afhankelijk te zijn van
het buitenland, is het dringend noodig de houtproductie in ons land
j aanmerkelijk te verhoogen.
Het zou onverantwoordelijk zijn, indien we lijdelijk bleven toezien
" bij de voortdurende stijging van de houtprijzen, die voor ons eene
§ waarschuwing moeten zijn, dat de wereldhoutvoorraad vermindert.
Wij mogen niet doof blijven voor de waarschuwende stem van man-
nen, die zulks kunnen beoordeelen, dat de wereldhouthandel, die
j een 60-tal jaren geleden nog maar weinig had te beteekenen, zich
·· in zulk een betrekkelijk korten tijd zoodanig heeft uitgebreid, dat
de houtvoorziening in de naaste toekomst feitelijk is aangewezen
op nog slechts enkele boschgebieden.
` We moeten doordrongen worden van het besef, dat wij moeten ·
S
V