HomeDe Nederlandsche boschbouw en de wereldhoutvoorziening.Pagina 22

JPEG (Deze pagina), 1.40 MB

TIFF (Deze pagina), 8.11 MB

PDF (Volledig document), 34.45 MB

j‘ 524 DE NE1>ERLAN1>scHE BOSCHBOUW EN DE WERELDHOUTVOORZIENING.
j o hout vrijwel voor den voet geveld kan worden als bruikbaar handels- \
Q hout, terwijl bij de laatste de voor den handel geschikte, verspreid jï
à staande boomen moeten worden opgezocht, waarbij de overige door I,
· het vellen en vervoeren van deze boomen gewoonlijk zoodanig
j vernield worden, dat zij te niet gaan. Vooral bij de exploitatie van ;
het tropische bosch heeft zoodoende eene ongehoorde verkwisting Q
2 , van hout plaats. c
E c In beide gevallen wordt het bosch vernietigd of in het gunstigste
ä Q . geval zóódanig gehavend, dat het zich eerst na vele tientallen I ·
van jaren eenigszins kan herstellen. Het ligt immers voor de hand, j
I · ` dat de vruchtbaarheid van den bodem door de verwijdering van = ';
; het beschuttende kronendak zeer gevoelig lijdt. Het zonlicht en de j
j wind doen de humus verdorren, voorzoover deze niet door den regen . _ i
Q, J wordt weggespoeld. De bodem wordt ongeschikt voor de hoogere E
j · ` en lagere flora en fauna, die onontbeerlijk zijn om in een bosch- Q
j bedrijf eene duurzame houtvoortbrenging te verzekeren. Het gevolg
j , van een en ander is dan ook, dat indien langs natuurlijken weg ,’
gl . weer opnieuw bosch ontstaat, dit eerst na zéér lang tijdsverloop _.ri
j I plaats heeft en dat het nieuwe bosch gewoonlijk uit minder waarde- ,f
{ " volle soorten bestaat, omdat de bodem de noodige vruchtbaarheid
" è voor de waardevolle soorten heeft ingeboet. ‘
j, ‘ Op veel plaatsen treedt echter na de velling van het oerwoud eene
, begroeiing met struikgewas op, of eene nog armoediger vegetatie.
Hiertoe dragen in hooge mate bij, de verwoestingen door het vuur,
l want in streken waar oerbosschen in exploitatie worden genomen,
is steeds een groot gevaar voor boschbranden. '
, In de Ver. St._van N.-A. liggen thans roo millioen H.A. z.g.
,,Cut-over" bosch, d.w.z. bosch, waaruit de waardevolle stammen
, zijn gehakt en dat zich nu heel langzaam herstelt. Voorts zijn aldaar
32, 5 millioen H.A. voormaligen bosbhgrond door velling van het ··
f{ " bosch in woesten grond veranderd. _ lg
Het is hier niet de plaats om te wijzen op de nadeelige gevolgen l
r van ontbossching op groote schaal voor het klimaat van een streek
I en niet het minste voor de regelmatige wegvloeiing van het hemel- ;
I, water ; afschrikwekkende voorbeelden hiervan zijn overbekend.
g Er is geen grondstof voor de maatschappelijke samenleving, die ` a
I even onmisbaar en daardoor even belangrijk is als het hout, l
H waarvan men zich tot dusverre minder heeft aangetrokken. Q
[ Van oudsher was men geneigd de bosschen als een onuitputtelijke [
voorraadbron te beschouwen en tot voor enkele tientallen jaren
heeft men zich nooit rekenschap gegeven van de vraag in welke l ,
’ verhouding voorraad en verbruik wel stonden. f
ä Men geloofde steeds, dat het gebruik van hout zou verminderen, ’"
I omdat men het allerwege door andere grondstoffen zag vervangen, ‘
zonder er zich in voldoende mate rekenschap van te geven, dat het
j hout telkens voor nieuwe doeleinden gebruikt wordt. Aan den ande-