HomeDe Nederlandsche boschbouw en de wereldhoutvoorziening.Pagina 16

JPEG (Deze pagina), 1.40 MB

TIFF (Deze pagina), 7.74 MB

PDF (Volledig document), 34.45 MB

l
518 DE NEDERLANDSCHE BOSCHBOUW EN DE WERELDHOUTVOORZIENING. 4
met den jaarlijkschen houtaangroei overeenkomt. Bovendien wordt je
Q _ elk jaar een enorme houtmassa verwoest door brand e.d. De hout- W g
; massa, die elk jaar wordt geveld, bestaat dan ook slechts voor een _A
E klein gedeelte uit hout, dat aan aanwezige houtvoorraden bij groeit ;
j en voor verreweg het meerendeel uit die voorraden zelf, waardoor ,
de gelegenheid voor houtaangroei wordt te niet gedaan. We moeten
J dan ook niet vergeten, dat het grootste gedeelte van de bosschen, ,
2 die worden geveld, in een zoodanigen toestand van verwoesting ‘
wordt äêhtäïgtïàtêhägät zij met vxäoestengroëêl zij ig gceäjk ïledstellän `
, en voor e ou voor renging ver oren zijn. aar e osc oor e E
{ velling niet geheel wordt vernietigd, is de toestand na de velling ·
, van het bruikbare hout echter gewoonlijk zoo, dat in de toekomst
l stellig niet het zware hout verwacht mag worden van voorheen.
{ De boschoppervlakte, die in regelmatige productie is, is helaas _
j ten aanzien vande wereldboschoppervlakte zeer gering. In sommige E `
i streken met een intensief boschbeheer komt de houtmassa, die jaar- _ i
lijks bijgroeit vrijwel overeen met de massa, die bodem en klimaat ° ‘
I vermogen voort te brengen, maar in de meeste streken is de jaar- E
Q lijksche houtaangroei veel geringer. Vooral in weinig ontwikkelde z
tropische streken maar ook in Siberië en Alaska en in mindere mate ‘
in Canada, blijft de jaarlijksche houtaangroei bedenkelijk terug . j
j _ bij de houtmassa, die bij een doeltreffend beheer uit die bosschen ···, .
g verkregen zou kunnen worden`. 3
{ De hoeveelheid hout, die in verschillende streken wordt gebruikt,
j wisselt sterk af. N.-Amerika met 1/12 van het aantal inwoners der i I
’ Wereld, gebruikt bijna de helft van al het hout en meer dan de ‘
. helft van het zaaghout. Het houtgebruik per hoofd der bevolking i
bedraagt er pl.m. 5.3 M.3, d.i. ruim 5 maal zooveel als in Europa, - Q
waar men zich met l.m. 1,o M.3 er hoofd tevreden stelt 1 . Even- »
. P . P . . .
I eens wisselt sterk de verhouding tusschen het gebruik van zaag- _;
. hout en dat van brandhout e.d. · ‘
_ · Htet àreïcàaillend houtgebruik vindt zijn oorzaak in allerlei
’ oms an ig e en. I ‘
In de eerste plaats speelt hierbij een rol de hoeveelheid beschik- ,
‘ baar hout en de aangeboren gewoonte van de bevolking ten aanzien - .
van het houtgebruik. Het spreekwoord :~,,in het veen ziet men op i
§ geen turfje" gaat ook hier op. Ook de levensstandaard is van invloed. ·
Q Voorts de ontwikkeling van de industrie. Groote beteekenis hebben ,
ook eenerzij ds het klimaat met zijn invloed op het karakter der bouw- ~
l werken en het gebruik van brandstof en anderzijds de beschikking »
j over steenkolen en olie als brandstof en ijzer en steen voor bouw- ..
l werken. Neemt men deze factoren in aanmerking, dan verwondert j
het niemand, dat streken als Canada, de Ver. Staten van N.-A., ‘
Finland , Zweden en Noorwegen een groot houtgebruik per hoofd .
der bevolking hebben, n.l. 3 tot IO M.3, terwijl landen als Frankrijk, .
i 1) Zon en Sparhawk, Forest Resources of the World, blz. 50. P _ , ,