HomeDe Nederlandsche boschbouw en de wereldhoutvoorziening.Pagina 15

JPEG (Deze pagina), 1.28 MB

TIFF (Deze pagina), 7.75 MB

PDF (Volledig document), 34.45 MB

ii
_
DE NEDERLANDSCHE BoscHBoUw EN DE WERELDHOUTVOORZIENING. 517
j rijk 18,4 %. Onder aan de lijst staan Denemarken met 8,2 %,
3 ' Nederland met 7,6 % en Groot-Brittanje en Ierland met 4,2 %. §¤
,1 Men kan de bosschen in het algemeen naar de houtsoorten, die ’
ze bevatten, in 3 hoofdgroepen verdeelen en wel de naaldhout- j
bosschen, de hardhoutbosschen der gematigde luchtstreek en de .4
­ tropische en subtropische hardhoutbosschen. De naaldhoutbosschen 4
. · " en de hardhoutbosschen der gematigde zone vermengen zich over
.1 een vrij groot gebied. 1
‘ De wereldboschoppervlakte bestaat nu volgens schatting voor
R ruim 1/0 uit naaldhout, 1/0 uit hardhout der gematigde luchtstreek
I g ‘ en voor bijna de helft _uit hardhout leverende tropische en subtro-
pische bosschen. De naaldhoutbosschen zijn bijna uitsluitend
ï · gelegen in de Noordelijke gebieden van Europa, Azië en Noord-
· Q ' _ Amerika, welke werelddeelen in hun gematigde zone bovendien
· .· het meerendeel van de hardhoutbosschen bevatten. Aangezien zich
ië ‘ de houtbehoefte in de wereld voor omstreeks 9/10 naar het naaldhout
‘ richt, is de wereldhoutvoorziening dus voornamelijk aangewezen
­ , op de bosschen in Noord-Amerika, gelegen in Canada, Alaska, de
, _· Westelijke, Noordelijke en Zuid-Oostelijke Staten van N.A. alsmede
ï in de Sierre’s van Mexico en voorts naar die in Noord- en Centraal- -
0 ë Europa, Aziatisch Rusland, Manchoerije en in een deel van japan.
` f ` In alle bosschen van de wereld te zamen wordt volgens Zon en
. 1 Sparhawk jaarlijks 1600 millioen M.3 hout geveld, waarvan het
Q . kleinste gedeelte geschikt is voor timmerhout en verschillende
j ` industrieele doeleinden en de rest uit minderwaardig hout bestaat
·“ · d.w.z. uit hout van geringe afmetingen en brandhout. De helft
j van de jaarlijks gevelde houtmassa bestaat uit naaldhout, 4/10 uit
‘ hardhout uit de gematigde luchtstreek en 1/10 uit tropisch hardhout.
4. _ _ Van de houtmassa, die jaarlijks in de geheele wereld wordt ge-
` ; ‘ kapt, levert N.-Amerika ongeveer de helft enN.-Amerika en Europa
g samen ongeveer 80 °/0. Van het timmerhout leveren deze wereld-
_ ` g _, deelen echter meer dan go °/0.
è _ _ Hoe staat het nu echter met den jaarlijkschen houtaangroei
fi " in de bosschen? Zon en Sparhawk schatten dezen op 7,5 cubic
‘ e 1 feet per acre, dat is ruim 0.5 M.3 per H.A.
0 Indien de geheele boschoppervlakte op gogo millioen H.A.
‘ ‘ wordt geschat, zou de jaarlijksche houtproductie 1515 millioen M.3
‘ E ’ ` ‘ bedragen, dus iets minder dan hetgeen jaarlijks gekapt wordt.
. Bij de beoordeeling van dit bedrag moeten wij echter niet vergeten,
_ dat in bosschen, die aan hun lot zijn overgelaten, dooreen genomen,
{1 geen toename van den houtvoorraad plaats heeft. De houtvoorraad
_ is daarin vrijwel stationnair en de jaarlijksche houtaangroei wordt
gecompenseerd door het te niet gaan van boomen, die wegens ouder-
W dom of door andere oorzaken vallen. Voor de houtvoorziening heeft
` 4 slechts een zeer klein gedeelte van den jaarlijkschen houtaangroei
j ` beteekenis en wel alleen de bijgroei in bosschen, die in geregeld
beheer zijn en waaruit elk jaar een houtmassa wordt geoogst, die _
ä 1 a
i
ä
li

§