HomeDe Nederlandsche belastingswetten in verband met den boschbouwPagina 13

JPEG (Deze pagina), 1.00 MB

TIFF (Deze pagina), 7.16 MB

PDF (Volledig document), 18.21 MB

1 j de waarde van den grond­scheiden van die der opstan-
1 den. De laatste zijn in 3 rubrieken te verdeelen: a.
1 kapbare; b. weldra kapbare; c. jonge bosschen.
1 De rubriek a. is het gemakkelijkst te waard·eeren, om-
_ dat geregeld kapbare bosschen. in ons land geveild
l . worden.
‘ Bij de rubriek b. moet men uitgaan van de verwach-
1 ï tingswaarde, d.w.z. men. verdisconteert de vellingswaarde
1 over de jaren, die- men nog te wachten heeft, tot het
1 · hout een marktwaarde, bezit, telt daarbij de dunnings-
T opbrengsten benevens andere baten op en vermindert
1 dit bedrag met de kosten van onderhoud, waarbij na-
1 { tuurlijk gebruik is te maken van samengestelden intrest.
1 . · Voor de rubriek c. is slechts mogelijk de normale
­ i kostenwaarde in rekening te brengen.
1 De verkooper zal in hiet algemeen slechts afstand doen
, ' van zijn jong plantsoen, zoo men hem zijne uitgaven
1 j vergoedt en een kooper zal niet hooger gaan, dan tot
het bedrag, waarvoor hij het jong plantsoen zelf had
1 kunnen opkweeken. ls de aanplanting geheel of gedeel-
5 telijk mislukt, dan moet men natuurlijk reductie in reke-
E ning brengen.
° Ill.
· g Te betreuren is het, dat bij den boschbouw geen com-
1 mercieele boekhouding is ingevoerd; ware zulks wel
1 i het geval, dan zouden de eigenaren beter op de hoogte
zijn van de waarde en de waarde-vermeerdering van 1
? hun boschbezit. Nu laat, die kennis in Nederland in den
· regel alles, en bij de meeste Duitsche Staatsbosschen,
1 veel te wenschen over.
1 Alleen in Saksen wordt van tijd tot tijd de waarde
1 , der Staatshoutvesterijen bepaald. Dat dit geen gemakke-
1 lijk werk is, mag niet weerhouden, het elders ook in
‘ 3 te voeren.
· Het commercieele van het bedrijf stoot helaas menig
S boschbeheerder af. Er zijn_ nog maar al te veel bosch-
beheerders, die meenen, dat zij naar behooren hun plicht
7 j vervullen, wanneer zij goed gezorgd hebben voor de
5 instandhouding van het bosch en menig gezaghebbende
gelooft vast en zeker, dat het beneden de waardigheid
1 van den Staat ligt, om de rentabiliteit van het bosch-
· ' bedrijf op te voeren. Natuurlijk, dat die rentabiliteit niet
1 het eenige compas mag zijn, waarop gezeild wordt, want
1 j naast de zuiver geldelijke belangen zijn in het bosch nog
andere factoren in ’t oog te houden. De rentabiliteit van
f het bedrijf evenwel over het hoofd te zien, zooals maar
1 i al te vaak geschiedt, achten wij· bepaald· een fout. j