HomeOverzicht van den Landbouw van NederlandPagina 24

JPEG (Deze pagina), 965.41 KB

TIFF (Deze pagina), 6.73 MB

PDF (Volledig document), 54.54 MB

T 22 srnLsnLs.
. _ tijden, voordat eene verbeterde waterlozing, meestal ten ge-
g volge van verbeterde middelen tot opmalen van het water,
was aangebracht., In de Beemster en de Schermer, onder ;
anderen, zou thans zeer goed akkerbouw te drijven zijn; _
maar de eenmaal hier gevestigde veehoudery heeft langza­ t
merhand geleerd om zooveel melk en vleesch, met betrek- ?
kelük weinig uitgaven, uit het gras te fabriceeren, dat het te E
bezien staat of er mee1· voordeel met den ploeg uit den grond `
gehaald zou kunnen worden.
l Dit leidt ons van zelf tet eene zeer algemeene oorzaak
van verschil, - het gevestigd zijn van een stelsel in
eene streek, zonde1· dat daarvan andere oorzaken kunnen
aangegeven worden, dan dat het stelsel nu eenmaal daar
gevestigd is. Enkele personen hebben een of ander ge- ·
was beginnen te telen, eene of andere wijze van land-
n bouw ingevoerd en er goede zaken meê gedaan. Hunne _
buren hebben ze nagevolgd, en het eigenaardige stelsel is Q
_ in die streek gewoonte geworden en gebleven, somwülen
ook nadat er geene büzondere voordeelen meer mede te be- l
halen waren. De tijd der invoering van zulke aan eene min ,
V of meer beperkte streek gebonden stelsels, is dikwijls nog
bij overlevering bekend, gelük men nog weet, dat de tabaks-
teelt in 1615 om Amersfoort is aangevangen, dat erin 1712 ’
voor het eerst veen gebrand is om boekweit te telen,·dat
V er in 1839 een begin werd gemaakt met het zoogenoemde
kleidelven in Groningen. Ook tegenwoordig zien wij zulke
stelsels zich wel eens veel meer dan vroeger uitbreiden en
op andere plaatsen, waar zij vroeger onbekend waren, ves­ .
tigen, zooals de meekrapteelt in Noordholland, de vlasteelt
daar en in het oosten van Groningen, en de suikerbieten
schier overal. De landbouwers leeren thans meer kennen
wat er buiten de streek hunner inwoning omgaat. Sedert
de courant ten platten lande gelezen wordt, sedert er boe-
ken, hoe licht van gehalte dan ook meestentijds, over den ·
I; ·
5