HomeDe broodzetting, onnut, schadelijk, ongeoorloofdPagina 43

JPEG (Deze pagina), 0.97 MB

TIFF (Deze pagina), 6.68 MB

PDF (Volledig document), 46.90 MB

_ ` 41
derzoeken of de besluiten van Januarij 1826 en April
1843, waarop A het geheele werk der broodzetting berust, j.
ongrondwettig waren. - beamen ten volle hetgeen in den `
Gids , in den Tijdgenoot en door den heer Olivier in der tijd
is aangevoerd: de koning had alleen de bevoegdheid die ,°
` besluiten , in overleg met de Staten Generaal, te maken, 1
in _ te meer , met het oog op de straffen, die daarbij bepaald
‘ waren ï:" die besluiten zijn er en voor het meerendeel
worden zij nagekomen, dit is ons voldoende.
_ Um tot het besluit te komen, dat. het belang van het
j . algemeen medebrengt eene vrije concurrentie te hebben,
`1 ° en dat dus om die reden de broodzetting moet worden '
_ p afgeschaft, is dunkt mij geen groot vertoog noodig. Vrije
· . _ ontwikkeling van ieders industriëele begaafdheden en daar- §
· · _ uit ontstane wedijvering van prijs en hoedanigheid is, als
' , ik het zoo eens zeggen mag, de normale toestanddoor
de natuur ingeschapen en aangewezen: alle afwijking daar-
V van is bescherming of beletsel, is eene exceptie, en wij
i zouden met het besluit kunnen volstaan >>exceptio confir­
` G mat regulam ,” wil men eene uitzondering maken dan moet
het hooge en doeltreffende nut van die exceptie klaarblijke­
l ‘ [ lijk zijn bewezen, en zoo als wij hierboven hebben gezien,
_ j dat nut bestaat niet. Het is echter welligt noodig , dat wij
` in eene, hoewel korte, maar toch nadere ontwikkeling
G treden van hetgeen wü op pag. 38 hebben gesteld.
De waarde van alle zaken bestaat in het vermogen om in
ruiling gegeven of ontvangen te kunnen worden en nuttig
te zijn. ­-= Prijs is de in andere produkten uitgedrukte hoe-
i veelheid waarde. Er bestaat alzoo eene bestendige verhou­ _·v.,
ding tusschen prijs en waarde. Even als nu de waarde ge-
heel betrekkelijk is, en van zoovele omstandigheden afhangt,
. evenzoo is de prüs der voorwerpen bestendig aan rijzen en
i * VAN Hoemnnom, Büdrugm tot de Huishouding van dan Staat,
Deel IX, pag. 221. *'

iii
ri