HomeVierde brief van Jan Regtuit, passagier van het schip De Nederlanden, vroeger gevoerd door kapitein KaasPagina 12

JPEG (Deze pagina), 661.95 KB

TIFF (Deze pagina), 6.21 MB

PDF (Volledig document), 12.61 MB

,......{«~‘ ·­ --;,..-»«·« ._,, ,,¤-··=;r=r········~~­.....g.;,,...,,.,,,y.”ä¥*`*<$.·.«;`, "`YI"V i" Mx V/F
` al
[ ( 12 l
één oogenblik alles af te winnen. Dus ongelukkig , j
` die het wagen met hem te spelen,
Dat weten wij! zeide de Vetweilander, en daarop jj
ging de Bezuiniger van ons af. Wij maakten het ,
T ook niet lang. Mijn vriend ging naar huis, en ik gg
stapte naar boord, *
Aldaar gekomen, vond ik de éejuipage druk werk­« ä
zaam. Zij timmerden en kalfaterden wat zij maar j
konden. Het zijn bravejongens, die achting en me«
delijden verdienen. Het ware te wensehen dat onze
Kapitein hen beter op prijs wist te stellen l ­­ Hoe
j zouden zij hem helpen , hoe zouden zij hem toonen
, weder te zün die zij waren! ­»- en al het geledene
{ was spoedig vergeten.
5 Een der matrozen heeft mij verzocht den inliggen­«·
i den hier bij te doen; ik hoop dat hij teregt mag komen.
Hoe lang wij hier nog zullen liggen hangt van de
omstandigheden af. ook weten wij niet waar naar
· toe moeten: het verlangen is wel naar het eiland j
‘ vom Welvaarl,· doch ik vrees dat wü eerst nog _ _
_ menig ander eilandje zullen moeten aandoen. God ,
H geve dat mijne vrees ongegrond zij!
_ Vaartwel !
_ JAN Ilmrurr. Q
r
A à
r
S
J
l
jl
!
!