HomeDe Vechtasche straf-inrigting, niet navolgenswaardig voor NederlandPagina 27

JPEG (Deze pagina), 860.24 KB

TIFF (Deze pagina), 6.52 MB

PDF (Volledig document), 29.83 MB

Ww--.W­ .· J ...»w wa . .....,., .V ;; , .,ri,,,,,w ,.. .,,_,,_,,,g,ï,. , innig i
25

ate brengen, en hier en daar bestaat een kleine kans om
veen zweem van instinct op te wekken, om haar verstandiger
ate doen handelen en denken; maar men kan algemeen aan-
anemen, dat al de ondeugden der aarde door deze honderde
uvrouwen vertegenwoordigd worden en slechts enkele sprankjes
r/van die deugden, die het vrouwelgk geslacht van nature
zzmoeten versieren en verheffen. .”
( »»Er bestaan zulke geheel en al verdorven vrouwen, dat
»/de geestelgken ze wanhopend opgeven en alle gevangenis-
P z/regels voor haar te kort schieten; de straf werkt niets
«/meer uit en zelfs onder de zwaarste tuchtigingen houden
_ rxzij niet op met vloeken en schimpen.” ‘)
En dáár in die gevangenissen is toch ook het tweeslachtig
ä stelsel ingevoerd. Cellen en zalen, gemeenschappelijk onder-
j wijs en Godsdienstoefening. Doch, wij behoeven niet naar
j Engeland over te steken om ook onze vrouwelijke gevangenen
te leeren kennen. Minder woest en verdierlijkt misschien,
maar toch laag en gemeen , ontuchtig, zouden zij even als fvêj
de mannen uit onze groote gevangenissen een geheel anderen
tuchtrneester behoeven, dan de goede Oldenburgers.
Er is ook nog iets dat het lloyersche stelsel begunstigt
en in de hand werkt. Wij lezen in zijn manuscript: ~Ten
agevolge van het kerkelijk toezigt in de Katholijke Gemeenten je
, zxvan het district Vechta en Cloppenburg is ook hier reeds
§ uhet bezorgen van betrekkingen aan ontslagen gevangenen {‘
zzzeer vergemakkelijkt, en zijn reeds meermalen zelfs protes-
" utantsche gevangenen hier geplaatst en goedgunstig en met
avertrouwen opgenomen?
Zie, dat is nu wat ons nog ontbreekt; wat eenmaal aan
het stelsel van afzondering zal moeten worden toegevoegd,
die helpende hand mz de terugverkregene vrijheid. Men kan
_ "“‘"""_‘
g 1) De Vrouwen in de Gevangenis, uit het Engelsch, bij Joh. Noman Sc Zoon,
bladz 34.
r Q