Home1000 pound belooning dood of levendPagina 87

JPEG (Deze pagina), 894.01 KB

TIFF (Deze pagina), 5.40 MB

PDF (Volledig document), 101.44 MB

ïïi
y j M
en ging ter afwisseling weer naar boven om bij gebrek aan
, wat beters op de smalle sofa in de kaartenkamer te gaan liggen.
Maar ook daar kon ik niet tot rust komen. Nauwelijks had
,QjY_§ ik het gordijn dichtgeschoven, of een slimme, knipoogende
Chineezenkop kwam. om een hoekje kijken; dadelijk daaäp
J! stond een van mijne drie bekenden evensgroot voor mij. u ïïá
F. { wist ik het weder: deze was stuurman geweest, de beide
V;] anderen matrozen. Ik moest hen nog op mijne laatste reizen
jjlïjï aan boord hebben gehad.
ç Natuurlijk verzocht ik hem dadelijk aan geen sterveling
te zeggen, wie ik was. Maar reeds maakte Iohn Chinaman gl
M5 met zijne oogen een afwerende beweging. ,,O,- my savvi,
captain," begon hij in het koeterwaalsch, dat in geheel Oost~ §
lïlïf Azië en ver daarbuiten onder den naam ,,Pidschin~Engelsch"
äfgjji I bij den omgang met inlanders als hulptaal dienst doet, ,,you
fighting officer ,Emden', Tingtinghau, you kill plenty Eng~
lishmen `and catchi sampan and go shop shop away from
Singapore. My no speaky, you always very good to Chi-
naman." (O, ik weet het, u bent de vechtende ofltïcier ,Emden',
u doodt vele Engelschen en neemt een sampan en gaat vlug
Qi weg uit Singapore. Ik niet spreken, ualtijd goed voor Chineezen."
Bij deze woorden viel mij een geweldige steen van het
êjïjàj hart. Voor alle zekerheid bood ik den goeden kerel geld aan
Y en beloofde hem nog meer, als ik goed en wel in Chinwangtao
zou zijn aangekomen. Maar van dat alles wilde hij niets weten; '
daarentegen zou hij het liefst gezien hebben, dat ik in zijn
, ` boekje een getuigenis van goed gedrag had geschreven. Wij
praatten nog een poosje samen, daarna verdween hij even
J f l ‘dl os als hi` ekomen was en eindeli'k kon ik aan sla en. fl
. jl j 96 ul O • 19 • l Q p j
T ADek reï/[ duurde acht dagen. gï/`olgr een ktäeäboït liep de
gj;. J; . ,, ta a aru' nog niet zoo sec t, en oo et even aan E
· boord was goed geregeld. De Iapanners lieten mij welwillend _?
g hun koers nagaan, en wisten niet hoe beleefd zij wel tegen
I mij zouden zijn. Hunne manieren aan tafel lieten echter heel
Qi veel te wenschen over. Mijne tafelgenooten schreeuwden daar
tljïw; luid door elkaar en smakten, dat iemand alleen reeds daardoor ff;
j alle eetlust zou zijn vergaan. Het toppunt was echter, wanneer
1 het geheele gezelschap zich aan het einde van den maaltijd
met tandenstokers wapende en hun gebit begon te reinigen.
In het algemeen heb ik voor de zorg, die de japanners aan
jj ‘fIi¥* · _
' 84 t i
il ~ `
,ä ’ g