Home1000 pound belooning dood of levendPagina 78

JPEG (Deze pagina), 835.57 KB

TIFF (Deze pagina), 5.45 MB

PDF (Volledig document), 101.44 MB

, _,___;L__:_,,:-.. --- _ . 2 · *
l
;.
inlanders juist even ophielden met brullen, kwam hier onze
gids plotseling tot het besef, dat hij als gids eigenlijk voor~
aan moest loopen. Zijn koeterwaalsch beteekende klaarblijkelijk,
S dat hij den weg nu weer uitstekend kende. Vol vertrouwen
lg volgden wij hem, alleen reeds omdat het gemakkelijker was.
Ik was zoo doodmoe, dat ik, hetzij rijdend, hetzij Ioopend
nog slechts in een halfwakenden toestand mee sjokte. Boven~
dien ging het van hier af bergafwaarts. .
Middernacht was reeds lang voorbij. Volgens ingewonnen '
inlichtingen moesten wij vóór het aanbreken van den dag
Ganasee bereiken. Natuurlijk klopte deze opgave weer niet,
dat bleek ons weldra. Nog eens werden wij door een plot-
seling, tamelijk nabij losbarstend gehuil er pijnlijk aan herinnerd,
dat wij ter onzer verdediging slechts een stokje bezaten, dat
dienst deed als rijzweep, en onze vuisten. Dit was echter de I
· laatste schrik van deze soort.
Daarmede is echter niet gezegd, dat ook het andere lijden
van dezen afschuwelijken nacht ten einde was. Meermalen
I moesten wij weder door koude beken waden ·-· een wonder~
baarlijk middel tegen onze slaperigheid. De kleeren kleefden
ons aan het lichaam, en de eene rilling na de andere liep
ons over den rug. In liefelijke afwisseling gingen wij over ,
bergen en door dalen en door moerassige rijstvelden, totdat
ik ·­· jammer genoeg te laat ·-· aan de sterren bemerkte,
9- dat wij weer eens in een cirkel liepen. Dit was het toppunt. -
v Nu had ik er meer dan genoeg van en staakte.
,,Nu?" vroeg Schönberg wantrouwend, toen ik mij niet I
meer van mijn plaats bewoog. ,
,,Ik heb nu weer heel duidelijk hanengekraai gehoord," ·
antwoordde ik. ,,Wij zijn dus op veilig terrein. Wanneer I
I Moros zich zóó ver durfden wagen, dan zouden zij onge- I
twijfeld ook den kippen den hals afsnijden. Deze denneboomen
I zijn wij nu al tweemaal voorbij gekomen ·-· die vent heeft 4
geen flauw begrip, waar wij zijn. Ik stel voor om net ` j
te doen als de zeeman in den nevel: laten wij het anker ,
ï uitgooien. Binnen enkele uren komt de zon op en zal ons .
= den weg wijzen." ,5
Ik hield dat voor een buitengewoon verstandig voorstel,
r maar Schönberg oordeelde er minder gunstig over. Allereerst j
r vroeg hij, of het mij ernst was, en toen ik ja zeide, barstte {
I .
75 II
'