Home1000 pound belooning dood of levendPagina 41

JPEG (Deze pagina), 874.81 KB

TIFF (Deze pagina), 5.42 MB

PDF (Volledig document), 101.44 MB

bleef ons niets anders over dan bij een van de kleine eilanden
· te ankeren, en gebukt onder een afdak ter beschutting tegen
het weder, een gunstiger oogenblik af te wachten.
, Wij hadden er ons al op voorbereid den nacht hier te
moeten doorbrengen, toen een uur vóór zonsondergang de
regen ophield. Plotseling zagen wij op eenigen afstand twee
hutten op den oever staan en de grootere jonk daar vlak »
voor geankerd. Deze menschelijke nederzetting trok ons met
magnetische kracht aan. Wij heschen het zeil en kwamen nog
j bij daglicht daarbij aan.
l Het was Poeloe Moeda. een Hollandsch tolstation. De i
lg g ontvanger, een halfbloed, begroette ons zeer vriendelijk en
ag Q noodigde ons allen ten eten, wat wij met des te meer genoegen
LL {Q aannamen, daar hij juist twee herten had geschoten. Na onze
hr lg zeilvaart, die meer dan dertig uur geduurd had, was deze _
jp` afwisseling ons hoogst welkom. Sommigen gingen baden,
lm, Qi anderen hielpen bij het koken, en weldra zaten wij allen i
_t9 jr; vroolijk om de tafel. Onze plannen vormden natuurlijk het
gg hoofdbestanddeel van het gesprek. Dwars door Sumatra bleef
lig de oplossing. Naar alle waarschijnlijkheid waren wij op den
té. besten weg. Wij wilden zoover mogelijk de rivier op varen. ‘
kan [gj Daarna moesten wij zien, hoe wij te voet door de oerwouden _
en verder kwamen.
Op gl Met een krachtig hoera op dezen beminnelijken Hollander l
ms zetten wij den volgenden morgen onze reis voort en wel op A
lm de grootere en daardoor sneller zeilende jonk. Deze kwam 3
16 n van Singapore en was op weg naar Peloelawan, de hoofdplaats .
om g van een klein sultanaat. De Chineesche kapitein beloofde, ons .;
ger . daar binnen eacht en veertig uur aan land te zullen zetten. V
tijd J Ik mag niet twijfelen aan zijn goeden wil, maar hij had il
wat klaarblijkelijk slechts gerekend op de gunstigste omstandig- 5.
mit j heden. 'De wind nam af, en nu kroop het vaartuig nauwelijks 1
md_ van Zijn Pläät$· Dlt SCl’1CI‘lCI‘l OHZC Chineezeu nu juist niet al
Op . onaangenaam te vinden. Zij staken hunne opiumpijpen aan ‘
tere en hadden HU CCH YClClOCI1ClC 1'€Cl€H Om den tijd met rooken "
het j en slapen te verdrijven. Maar wij klaagden weldra in alle la
be­ foonaarden en verwenschten deze rivier, die ons niet wilde J
Een j loslaten. Daarbij waren wij nauwelijks in staat de zeer talrijke gi
gm luizen en muskieten van ons af te houden, die ons het bloed ‘
' Et dag en nacht aftapten en niemand tot rust lieten komen. ;¤
l A:
2 .
Ji'
»