HomeWat moeten en wat kunnen wij van een joodsch en algemeen godsdienstig standpunt verlangen van eene nieuwe wet op het lager onderPagina 34

JPEG (Deze pagina), 799.63 KB

TIFF (Deze pagina), 6.97 MB

PDF (Volledig document), 59.80 MB

A" i
txt l
j« jf
x sl
’ 32
ë
' ` van wat hun geloof is, en is dit den leeftijd der leerlingen
I in aanmerking genomen, die op dien leeftijd dit geloof
r minder goed dan de meester kunnen verdragen, en den l
l zeer realistischen , naturalistischen geest, die van uit de
groote maatschappij zich buitendien aan die jonge menschen j ·
W meedeelt, niet zonder gevaar, te meer daar de docenten j
aan deze inrigtingen, die, op een ander geloofsstandpunt
staande, in deze als correctiet kunnen dienen, in onzen tijd i
” langzamerhand in getal verminderen, zeldzamer worden,
· er is weinig tegen te doen, en men mag er in het geheel
{ niets tegen doen. _ j
Het gaat niet aan, ja, het is een onmogelijkheid, onze
i wetenschappelijke mannen, die in ons land tevens zijn
' hoogst ernstige, eerlijke mannen, mannen van overtuiging lj
Y en karakter, te willen nagaan in hunne vrije uren; een soort
van toezigt op hunne in die uren gesproken woorden, op hun
denken en streven uit te oefenen. Moeten wij, die aan gods-
ik dienst hechten, wij, die aan deze of gene bepaalde godsdienst
innig verknocht zijn; het standpunt van vele geleerde,
wetenschappelijke mannen betreuren; wij hebben het j
onwrikbare vertrouwen, dat het anders zal worden, en
willen wij van de wetenschap in de phase waarin zij nu
I verkeert gediend zgn -­ en wij moeten er van gediend
zijn, wij hebben ze hoog noodig ­­ dan moeten wij ook
i het wetenschappelük geloof op den koop toe nemen, dan
i moeten wij met het licht ook de onvermijdelijke schaduw ”
willen, dan mogen en kunnen wh den priester die dit
' licht ontsteekt, niet degraderen, hem niet in zijne waar-
digheid te kort doen door te trachten hem van het door hem
gekozen standpunt te verwäderen. Waar wij dus, wat be-
treft het middelbaar en gymnasiaal onderwijs ondanks een
niet te verhelen nadeel een werkelijk bestaand gevaar moeten
l stilzitten, wat betreft het ziften der docerende personen
naar de aard of wgze waarop zij buiten de school voor
ii hunne wetenschap propaganda maken, welke propaganda

il
E ·
r ga
l t ii
l ä