HomeEen woord over het anti-schoolwet-verbondPagina 18

JPEG (Deze pagina), 489.97 KB

TIFF (Deze pagina), 3.21 MB

PDF (Volledig document), 10.36 MB

l
16
M. H.! Het woord politiek heeft 00k eene on- E
gunstige beteekenis gekregen; en vraagt iemand S
mij of ik van sluwe kansrekening heil verwacht
voor het Christelijk onderwijs, dan verklaar ik rond- p
uit dat ik van zzzZZ·e politiek mij verontwaardigd Q l
afwend. -Maar de leden der gemeente van Christus l
zijn op aarde ook leden van de maatschappij en
van den staat; en dat zij, ook als zoodanig, langs
geoorloofde wegen, invloed trachten te oefenen, {
wordt, naar ik meen, van hen geëischt. YVij moeten j
den Keizer geven wat des Keizers is, en getrouw {
zijn ook in het kleine. Indien de zuurdesem de ,
drie maten meels doordringen moet, laat dan ook
op ’t gebied va.n den staat ons beginsel doorwerken.
En vooral, indien de staatswet de uitbreiding van L
het Evangelie in den weg staat, laat ons ernstig T
vragen dat die staatswet veranderd worde.
De groote voorwaarde, waarop alleen wij mogen
medewerken, is deze, dat het Anti-Sehoolwet­Ver­ i
bond geene middelen bezige, die naar den maat-
staf des Evangelies moeten worden afgekeurd. lVij
verfoeien het beginsel, dat ,,het doel de mid- ·
delen `heiligt." -- Maar mij komen de middelen, ?
door ons Verbond gebruikt, geenszins afkeurens-
waardig voor. t=
De middelen, door het Verbond aan te wenden,
zijn, volgens art. 15 der Statuten: W
ca. Het bewerken der publieke opinie; j
6. Het petitionnement bij de overheid; _
0. Het oefenen van invloed op de verkiezingen. T
Yat dit ,,bewerken der publieke opinie" aangaat, `
het worde geen onstuimig opwinden van de schare. ‘
Het is niet zoo moeielijk als volksmenner een oogen- .
blikkelijken triumf te behalen. Doch alleen wanneer j