HomeAan wie de schuld?Pagina 19

JPEG (Deze pagina), 1.08 MB

TIFF (Deze pagina), 7.97 MB

PDF (Volledig document), 59.23 MB

l
13
ä van zijn overwinningen op Turkije en Bulgarije betwist zag, dan
zou het gewis thans niet in gebreke blijven,nu Servië bedreigd
werd in zijn soevereine rechten en zelfstandigheid. Algemeen
werd in Europa gevoeld dat de voorwaardelijke oorlogsver-
klaring van 23 juli niet enkel tegen Belgrado maar ook tegen
Petersburg was gericht. En niet minder algemeen was het besef
· dat de voorwaarden onaannemelijk waren, dat het aannemen
niet werd verwacht, zelfs niet bedoeld en gewenscht werd. Meer
dan eenig verzet, scheen het, vreesde men te Weenen de vrij-
willige aanvaarding van het ultimatum.
De tegenwerping dat de Oostenrijksche regeering gerecht-
§ vaardigde grieven tegen Servië had, doet niets ter zake. Wij
willen enkel aantoonen dat zij, om haar grieven te wreken,
niet geaarzeld heeft de bevolking van een geheel werelddeel
over te geven aan de verschrikkingen van dezen oorlog. De
- j beschuldigingen in het ultimatum vervat en in een cirkulaire
j aan de Mogendheden nader gestaafd, kunnen, wat ons betreft,
j als volkomen bewezen worden beschouwd. Zij klagen de Ser-
j vische regeering aan van het gedoogen en begunstigen van de
` tegen de Monarchie gerichte propaganda, van het daardoor ‘
schenden der in 1909 gegeven belofte dat zij voortaan ook
indirekt niets tegen Oostenrijk-Hongarije zou ondernemen. Het
‘ moge in overeenstemming zijn met de in vele regeeringskringen
heerschende opvattingen dat om aan zulke gedragingen van
andere Staten een einde te maken, het voeren van oorlog ge-
oorloofd is. Evenmin moge ontkend kunnen worden dat Servië
i voor Oostenrijk een lastige buurman was, ­­- wij doen enkel
E uitkomen dat zelfs de zekerheid van een algemeenen oorlog
Gostenrijk niet vermocht terug te houden van deze straf-
oefening.
De aanval op Servië, derhalve, beteekent dat de regee-
ring van de Oostenrijkllongaarsche monarchie, die vele stre-
ken van uiteenloopenden landaard tot de erkenning van haar
» soevereiniteit heeft gebracht, besloten was goed en bloed van
millioenen te wagen, liever dan de propaganda die een deel
van haar bezit bij een andere stamverwante natie wil brengen,
ongehinderd te laten. En toen in het onheilzwangere dokument
1 van 23 juli minister Berchtold tegenover Servië de monarchie
als de beleedigde en bedreigde partij voorstelde, als den mach-
' tigen nabuur die zich geenerlei kwaad is bewust en wien de
ä kleinere mogendheid niets te verwijten heeft, kon dit slechts