HomeStatuten en andere stukken betreffende de Maatschappij tot zoutwinning op het eiland St. MartinPagina 63

JPEG (Deze pagina), 879.13 KB

TIFF (Deze pagina), 7.34 MB

PDF (Volledig document), 77.93 MB

l
ll

t ‘ a
l j
l g RAPPDRT VAN DEN HDDGLEERAAR MULDER. j
l I ­--­•••­­·-­··
§ arscnnrrr. ,
l i Urancnr, 16 Februowj 1858.
l l :
` Ik heb de eer Uwer Excellencie te berigten , dat ik den Heer Pxmmuox uit-
i V voerig gehoord heb over de wijze, waarop hij de zoogenaamde Zoutpan, E
i achter Philipsburg op St. Martin, wil inrigten en ter goede zout­productie
R wil geschikt maken , alsmede over de werken , die hij in het Franseh gedeelte
ll van dat eiland reeds heeft aangelegd.
l lj Uit de kennismaking met dien Heer is mij gebleken, dat hij een intelligent V
l j en een der zaak kundige man is, die geheel en al op de hoogte is, en aan °
l V wien het technisch beleid van deze aangelegenheid volkomen kan worden toe· =
~ vertrouwd.
` De reeds in uitvoering zijnde plannen in het Fransch gedeelte, waarvan hij
niij de teekeningen heeft voorgelegd en toegelicht, moeten goed slagen, en de
· wijze, op welke hij de pan achter Philipsburg zou maken tot een zontmoeras
is in harmonie met hetgeen in Frankrijk , waar men in deze zaak het meest
ontwikkeld is, bü ervaring is gebleken het beste te zijn.
Invoering van zeewater, uitvoering van onbruikbaar geworden pekel, ver-
zameling van het zeewater in een bassin , voortleiding op ondiepten, waar de
koolzure en de zwavelzure kalk van het zeewater kunnen worden afgezet,
voortleiding van de tot zoo verre verdigte pekel op de zoogenaamde zouttafels,
waar het zout tot kristallisatie gebragt wordt: dit alles is met zorg overwo·
gen. De geheele tegenwoordige Zoutpan zal met een stel dijken en dijkjes
en kanalen worden doorsneden en eene menigte kleine vlakten daardoor wor~
l den verkregen, waarop de verdamping geschieden kan.
. Voorts heeft de Heer PERMNON mij doen zien de gebreken in de overigens
zoo goede werken, door den ROLANDUS aangelegd, onder anderen daarin be­
staande, dat het zoete water der riviertjes, die in de pan uitmonden, niet
gemakkelijk genoeg kan wegvloeijen naar zee, omdat het kanaal om de tegen-
woordige Zoutpan gegraven , niet breed en niet diep genoeg is, hetgeen de
A Heer Pmmmox meent, dat daaraan moet worden toegeschreven, dat er geen
geld genoeg aan die werken is te koste gelegd.
De Heer Pnnnmon wil nu een breed kanaal door een dijk afsluiten van de
l tegenwoordige Zontpan zelve, ter berging en opneming van het regenwater, S
V waardoor dan ook de geheele buitenste omtrek van de pan, en niet zoo als
j thans de helft, tegen het indringen van zoetwater zou beschut zijn.
Voorts heeft die Heer mijne bedenking opgelost omtrent de massa regen ,
die er valt op het eiland, die */3 ongeveer meer bedraagt, dan aan de boorden
, Aan Zünc Excellcntie
dan .Minist¢r van Kolonièn.