HomeBijdrage ter aanwijzing van de grondslagen, waarop de afschaffing der slavernij in Suriname dient gevestigd te wordenPagina 47

JPEG (Deze pagina), 709.91 KB

TIFF (Deze pagina), 6.58 MB

PDF (Volledig document), 32.84 MB

gt t
ij' ll
li!
iïï ‘
ti
l ( 46 l
‘ l
nu schijnt meer en meer onverschillig en vcrgenoegt zich met j
jh klcederen , die naauwelijks voldoen om zijne naakthcid te bedekken,
_ en met het grofste voedsel. l
al Velen hunner, op de rivieren en kreeken. vermijden zooveel als
mogelijk den omgang met hunne meer beschaafde huren en voor­ '
namelijk met blanken. Hunne woningen zijn ellendige arme hutten, jj
' op korten afstand van den oever der rivieren in het bosch , zorgvul­ l
l dig door het groen bedekt om voor de voorbijgaande vaartuigen on-
zigtbaar te blijven, zoo leven zij voort zonder eene gedachte over de ;
godsdienstige en zedelijke opleiding of` het onderwijs hunner kinderen , X
meesttijds geheel naakt en in den natuurstaat.
i Niettegenstaande de landelijke districten wel van kerken en scholen
voorzien zijn , wordt er van de hierdoor aangebodcne gelegenheid,
maar slecht gebruik gemaakt.
jj Het volgende uittreksel van de verslagen der Magistraten , toont
_j het aantal scholen en plaatsen ter Godsvereering aan:
Ill 54 kerken, 67 kapellen , 75 zondagscholen met slechts 5993 bezoe­
J kers gemiddeld; g
l dagscholen 82 , scholieren gemiddeld 3863.
Het jaautal kinderen als volgt: l
Kreolen wonende op plantages 5372, Kreolen niet op plantages
l *16,780 , Afrikanen 1743 , Portugezen 133] , Koelies 880 , makende i
een totaal van ‘2.6,0‘l5 kinderen van alle klassen , waarvan slechts 5993
eenig godsdienstig en 5865 eenig gewoon schoolonderwijs genieten. F
j Met den toenemenden achteruitgang van het Afrikaansche ras in deze l
j kolonie, schijnt de heidensche bijgeloovigheid hunner voorvaders weder
grond te winnen, en het «Obea/zn wordt meer uitgeoefend, dan K
algemeen bekend is. Alle de door nwe commissie ondervraagde , met tg'
den toestand van het land wel bekende, personen, bevestigen de i
berigten omtrent de luijc en ondeugende wijze van leven in de j
ä dorpen en zelfs in de betrekkelijk welvarende gedeelten der kolonie.
De plunderingen door hen in de naburige Banannen-tuinen en ‘
* rietvelden, zoowel als op elkanders gronden bedreven , zijn naauwelijks
. te gelooven; ook is het niet mogelijk in den tegenwoordigen staat van
l zaken, om dezelve tc beletten.
I Bovendien is de prijs van den arbeid zoo buitensporig hoog, in
wxyelijlcing hunner behoeflen, dat de veldarbeider zich in overvloed
j kan onderhouden op de verdienste van twee dagen; of liever op het `
i l
t
l
l
L