HomeRedevoering van generaal Botha, gehouden te Bank op 28 September 1914Pagina 4

JPEG (Deze pagina), 659.57 KB

TIFF (Deze pagina), 6.07 MB

PDF (Volledig document), 10.59 MB

2 i
DE REDE VAN DEN EERSTEN MINISTER. i
'(
Toen tenslotte Generaal Botha opstond om de vergade- Q
ring toe te spreken brak opnieuw een daverend gejuich ’
los dat eenige minuten aanhield. ,
De Eerste Minister, die door deze geestdrift ten zeerste j
getroffen scheen, verklaarde gekomen te zijn om zijn kie-
zers te vragen ronduit hun meening te zeggen en zonder
aarzelen te stemmen over de motie die hij aan hun oordeel
zou onderwerpen. Hij wenschte eens voor al te weten wat
zijn positie was. Hij was niet gekomen, verklaarde hij na-
drukkelijk onder het gejuich der vergadering, om beleedi-
gende taal te bezigen of iemand scheldwoorden toe te slin-
geren. Hij vocht graag als een blanke, en hij had een diepen
afkeer van het gebruik van scheldnamen achter iemands
rug. (Gejuich). Sprekend van zijn 525ïGD verjaardag, den I
dag te voren gevierd, vertelde Generaal Botha dat het juist
dertig jaar geleden was dat hij Zuid-Afrika voor de eerste
maal had gediend, en hij kon er aan toevoegen, dat hij het
altijd met liefde gediend had en zou blijven dienen zoolang
hij het vertrouwen van het volk behield. (Toejuichingen).
Het land en het volk stonden op dit oogenblik tegenover
een ernstigen staat van zaken. Er woedde een oorlog zoo-
als de wereld er nooit een had gezien, zooals de mensche-
lijke geest er zich nooit een had kunnen droomen. Als deel
van het Britsche Keizerrijk, vervolgde hij onder gejuich, T
behoorde ook Zuid-Afrika tot de oorlogvoerenden. Schoon
verwijderd van het oorlogstooneel voelde toch dit land de
gevolgen van den krijg, en hoe langer hij duurde, des te A
sterker zouden ze die gaan voelen. Hij kon tot zijn vreugde J
verklaren dat de Keizerlijke Regeering haar uiterste best
gedaan had om dezen oorlog af te wenden, en dat zij zich
had ingespannen om de geschillen door bemiddeling te ver-
effenen.
Generaal Botha gaf een uitvoerige uiteenzetting van de
door Sir Edward Grey gevoerde onderhandelingen voor