HomeEenige ervaringen opgedaan in de kolonie van Frederik van EedenPagina 24

JPEG (Deze pagina), 811.48 KB

TIFF (Deze pagina), 6.65 MB

PDF (Volledig document), 18.34 MB

V Ji­’ï­ï’;;.;:7;£_ï l’=ï,,ï*_**‘*`t_:;T­ï¤,=,,..,..., -­~ · -i--,ï_ä7‘___ ,_
j i
D 22
. utopieën en idealen, die zij zich scheppen willen; dat de tijd
. nog verre is, dat zij de ideeën, van welke zij zich dragers mee-
l ncn, verwezenlijkt zullen zien? Eén blik op zichzelf moest hen
i reeds voldoende zijn, naar mijn bescheiden meening. Dit wil »
j ik hun wel zeggen, dat de menschheid nimmer zoo ver zal ko-
men, als zij dat zouden willen; en dit zeg ik niet op eigen `
E autoriteit. Het zou in stijd zijn met Gods Wvoord, met de
. Geschiedenis en met de ervaring, te willen dat de mensch tot A
een volmaaktheici zich zal opvoeren.
j Maar enfin, ze modderen maar!
j Nu nog iets over Dr. Frederik van Eeden, in betrekking
tot enkele zijner litteraire producten. Hij vereenigt twee zeer i
D onderscheiden personen in zich. De ,,schrijver" en ,,dichter"
Van Eeden is een oprecht melancholicus en in die zijne hoe-
danigheid, zou me·n vreezen dat hij nog eens in een krank­ 2
, zinnigengesticht aanlandt, want de zoo naar den dood snak-
i kende dichter kon wel eens gevaarlijk voor zichzelf worden
ij De ,,mensch" van Eeden is vreemd genoeg een waar sangini- E
__ cus, een humorist. Hoe rijmt zich dat te samen? De beste op-
lossing van dit apocrieve probleem zal dus zijn, dat wij v.
ii Eedens melancholie maar als een dichterlijke vrijheid be- j
té schouwen. Mijnsinziens nog al een noodlottige en misbruikte ‘
vrijheid, niet voor den persoon in quaestie zelf, maar voor die
il; menschen, die zijn boeken lezen. Dezen zouden door het lezen
ïê van zulke diepe melancholie wel eens een minder aangename .
reactie kunnen ondervinden.
' Over het algemeen neemt men aan dat v. Eedens ,,Ellen" i
of ,,het lied van de Smart" is een autobiographie van den dich- p
hij ter. Ik voor mij en er zijn er velen, die mijne meening in deze .
deelen, ik voor mij ben zoo vrij, dit beslist in twijfel te trek-
‘ ken. Daarvoor heb ik redenen. Zulk een zwartgalligheid en
fi ievensmoeheid kan niet anders zijn dan een uitvloeisel van
echt-melancholischen aanleg, zou men zoo zeggen. Mij be- ëi
vreemt het echter ten zeerste, dat een humorist, als van Eeden
er ongetwijfeld een is (men leze zijn Grassprietjes bijvoor-
il; beeld) zulke zwaarmoedige lectuur kan leveren, te meer be-
vreemdt dat, als men bedenkt, dat die lectuur de tolk moet
gi zijn van des dichters voelen en denken en dat die gemoeds-
iP