HomeDe houding van Groot-Brittannië tegenover kleine landenPagina 7

JPEG (Deze pagina), 589.33 KB

TIFF (Deze pagina), 6.03 MB

PDF (Volledig document), 12.31 MB

·
Q BRIEF VAN ZIJNER MAJESTEITS AMBAs­
SADEUR TE WEENEN AANGAANDE HET AF-
‘ BREKEN DER DIPLOMATIEKE BETREKKIN-
` GEN MET DE OOSTENRIJKSCH­HONGAAR­
./ _ SCHE REGEERING.
Sir M. DE BUNSEN aan Sir EDWARD GREY.
Londen, 1 Sept. IQI4.
l,,_ M.
_.·l , De snelle loop van zaken gedurende de dagen vooraf-
i gaande aan het uitbreken van den Europeeschen oorlog
dwong mij, toentertijd, mijn berichten te beperken tot een
l telegraphisch verslag van de gebeurtenissen. Ik wil thans
een paar toelichtingen daarbij voegen.
De overhandiging der Oostenrijksche nota aan Servië,
die op 23 juli te Belgrado plaats vond, werd voorafgegaan
door een periode van volslagen stilzwijgen op den Ballplatz.
Behalve Herr voN TcH1RsKY, die van den inhoud, zoo niet
van de juiste bewoordingen, der nota op de hoogte moet
zijn geweest, was het niemand van mijn collega’s vergund
i achter de schermen te zien. Op 22 en 23 juli had de Heer
[ DUBIAINE, de Fransche Ambassadeur, lange gesprekken
. er- , MCIBRYOHMACCHIO, eenvan de Onder­Staatssecretarissen
pl van Buitenlandsche Zaken, die hem in den waan liet dat de
waarschuwende woorden door hem in opdracht van zijn
3
l