HomeDe houding van Groot-Brittannië tegenover kleine landenPagina 17

JPEG (Deze pagina), 762.09 KB

TIFF (Deze pagina), 6.01 MB

PDF (Volledig document), 12.31 MB

l 13
Liv, brachten. Welbezien, voegde hij er bij, beschouwde Oos-
ê tenrijk zich op dat tijdstip niet in oorlog met Frankrijk, al
l waren dan ook de diplomatieke betrekkingen met dat land
j verbroken. Ik legde hem in weinig woorden uit hoe de om-
standigheden dit onwelkom conflict ons hadden opgedron-
gen. VVij vermeden beiden een nuttelooze discussie. Ik
waagde het aan de aandacht van Zijne Excellentie het lot
der talrijke ,,gestrande" Britsche onderdanen te Carlsbad,
Weenen en andere plaatsen in het land aan te bevelen. Ik had
reeds over dat onderwerp met hem gecorrespondeerd, en
i ;. " Zijne Excellentie maakte een aanteekening van wat ik zeide
l en beloofde te zullen zien wat er gedaan kon worden om ze
te vervoeren zoodra de drukte der mobilisatie voorbij zou
E Zl_jll.G1`ääfBERCP1TOLD vond goed dat ik Mr. PHILLPOTTS, tot
dien tijd Britsch Consul te Weenen onder den Consul-
V Generaal Sir Fnizmznick DUNCAN, aan de Ambassade ach-
terliet als Charge des Archives. Hij nam aan dat eenzelfde
vergunning in Engeland niet zou geweigerd worden indien
zij ten behoeve van de Oostenrüksch-Hongaarsche Regee-
ring werd gevraagd. Ik nam van Graaf Bi2RcHroLD met
° oprecht leedwezen afscheid, daar ik van den dag mijner
ä aankomst in Weenen, geen volle negen maanden geleden,
vele blijken van vriendschap en achting van Zijne Excel-
l lentie ontvangen had. Bij het heengaan verzocht ik Zijne
A Excellentie de betuiging van mijn diepen eerbied aan Keizer
A FRA1~:s ]osEPH over te brengen en van mijn wensch dat
ï Zijne Majesteit deze droeve tijden mocht doorkomen met
onverminderde gezondheid en kracht. Graaf Brncnrorn
had de vriendelijkheid münwoorden te willen overbrengen.
Graaf WALTERsK1RcHaN, van het Oostenrijksch­Hon-
gaarsche Ministerie van Buitenlandsche Zaken, verscheen
den volgenden morgen om mij mijn paspoort te brengen,
en mij op de hoogte te stellen van de schikkingen die ge-
, troffen waren voor mijn vertrek dienzelfden avond (14
Augustus). In den loop van den dag kwamen Gravin BERCH-
rorp en andere dames der VVeensche hofkringen op de