HomeDe Koninklijke Marine-machinisten in NederlandPagina 30

JPEG (Deze pagina), 775.19 KB

TIFF (Deze pagina), 6.80 MB

PDF (Volledig document), 57.81 MB

tr i
E
j ä
ik i
l 1

es j
daartoe opdoet, omdat hij, zijne lage positie moede,
‘ elders eene betere zoekt, die hij dan ook maar al te
, vaak verkrijgt. j
llierover zouden wij nog een lang en breedvoerig ]
betoog kunnen leveren, doch dit lust ons niet, aange-
' zien dit argument zoo volkomen onbetwijfelbaar is, dat
men slechts bij n°. ’l behoeft te beginnen, en bij den
laatste te eindigen, om van nagenoeg allen dezelfde ver-
· zekering te ontvangen: dat het alzoo en niet anders is.
Eenige excepties doen hier ter zake niets af; zij verzwak-
ken ons argument niet; die uitzonderingen zijn dáár aan-
wezig, waar men den ouden machinist aantreft, die in
· opleiding en beschaving niet gelijk staat met het perso-
neel van lateren tijd.
En nu gi_j, edele Volksvertegenwoordigersl aan wie
het lot der landskinderen niet onverschillig is ­~ vooral
niet onverschillig de eer des Vaderlands en bovenal niet
het belang van den grond, dien wij bewonen ·- zult
’ niet gaarne uwe aandacht willen vestigen op een
_ zoo groot belang als wij hier hebben geschetst? ....
Waar wij met de hand op het hart ons gemoed vrij
lucht gaven, en niets vuriger wenschen dan het belang
onzer medebrocders en dat des Vaderlands, daar zult
gij -­ en daarvan durven alle regtgeaarde Nederlanders
zich verzekerd houden ­- ook uwe stem doen hooren j
in dat wezenlijk en waarachtig belang.
llaar er is nog meer: toch heb steeds getoond,
dat het heldenbloed van een roemrijk voorgeslacht ook
n door de aderen vloeit. Gij, kenners der geschiedenis,
weet het, waaraan Neerland zijnen alouden roem en rijk-
dom te danken heeft.; gij zijt er ii van bewust , waarom Q
er nog eene waardige plaats onder l§uropa’s staten be-
j kleed wordt door dat Nederland, dat men niet klein Q
behoeft te noemen, al moge het niet, zooals weleer,
een bezem in den masttop hi_jschen; het bezit immers i
, nog eene niet onbeduidende vloot, die zoo noodig is om ¤
jj onze kusten en onze overzeesche bezittingen en ook
i onze handelsvloot te beschermen! .... Wij weten het
i dat, zoo dikvverf onze geachte minister van Marine voor ;
_ die vloot gelden vraagde, gij met een regtgeaard vader-
• J
i
V i
i i ll
It
l
I?
‘;l,