HomeDe praktijk der huurcommissiewet en de huuropzeggingswetPagina 86

JPEG (Deze pagina), 619.38 KB

TIFF (Deze pagina), 5.24 MB

PDF (Volledig document), 56.73 MB

, Alfviix
:4, 4 ïf
‘ *
stande dat het verzoek geschiedt binnen twee weken na het
A in werking treden dezer wet. M
» ;°
I Het laatste lid bedoelt de zoogen. kettinghuur te regelen. 2
l A dacht in het huis van B te komen, deze in dat van G enz. ­
gj I Nu wordt G door de huurcommissie geholpen, maar daar- Q
Y door zijn B èn A dakloos. Hier wordt aan B en ook aan A ;
C het recht gegeven binnen 14 dagen na het in werking treden
l g ._ der wet een verzoek, als bedoeld in artikel 1 of in artikel 2,
te doen, als A met gunstig gevolg zulk een verzoek heeft
st , gedaan. Maar B zal niet altijd weten of G een verzoek heeft ,
L ingediend (al heeft hij en ook A daarvoor ook eene week
langer den tijd dan C), en zeker niet tijdig genoeg de daarop
dit te vallen beslissing, en hoe verder men teruggaat, steeds gj
° wordt de toestand onzekerder. Het is daarom te verwachten, V
{ dat B en A enz. allen op goed geluk een verzoek zullen
§ indienen, vóór het geval mocht blijken, dat G en B op
‘ grond van een mogelijk door hen gedaan verzoek in hunne
woning zullen blijven. gr
t ijd i
ii] . Artikel 11.
1 l
. 1. Deze wet vervalt zes maanden na den dag, waarop
Wij, den Raad van State gehoord, zullen hebben verklaard lj
j dat de tegenwoordige buitengewone omstandigheden hebben
QW * bestaan. » lï
13 opgehouden te
1 2. Op het tijdstipt, waarop deze wet vervalt, eindigt de
Tij; termijn door den rechter ingevolge de artikelen 1 of 2 `
3 bepaald of verlengd.
u··»t· «
;;!· · '
l E
Men vergelijke artikel 15 der Huurcommissiewet. l
rt"·
tis; .
en

84

äïï
r
tt
( ­ _, .... . ..r. - .....z .. ..-. .,.....,A........1....­....-.».--­­-­w-­»»3- ---7