HomeDe praktijk der huurcommissiewet en de huuropzeggingswetPagina 83

JPEG (Deze pagina), 623.46 KB

TIFF (Deze pagina), 5.22 MB

PDF (Volledig document), 56.73 MB

heeft beslist, dat (inhoud der beslissing);
C dat deze beslissing hem onjuist voorkomt op grond, dat ç
i (reden van de rneening des verzoekers); P
Weshalve hij den Heer Kantonrechter verzoekt die uit- à
spraak te vernietigen en in plaats daarvan (strekking van i
het verzoek).
(Onderteekening en dagteekening). Q
Het verdient aanbeveling, de mededeeling van de uit- »
_ spraak der huurcommissie over te leggen, opdat blijke, dat
de appèltermijn in acht genomen is.
~ j
J . Amkei 4.
ig 1. De verhuurder eener woning kan zich niet beroepen
op een beding, waardoor de huurder onder bepaalde om- l
standigheden geacht zou worden de huur te hebben opgezegd E
of verplicht zou zijn dit te doen. Indien echter zulk beding
betreft de wijze van gebruik of bewoning der woning blüft A
gi de huurder verplicht dat beding dienaangaande na te leven. i
‘ 2. Partijen kunnen zich niet beroepen op een beding,
waarbij eenige bevoegdheid, bij deze wet aan huurder of 'E
. verhuurder toegekend, zou worden uitgesloten oi beperkt.
· lj
Artikel 1 is niet van toepassing, indien de opzegging is il
H geschied door den huurder behalve in het geval, bedoeld in
artikel 7, lid 4. Het is niet meer dan billijk en natuurlijk, dat '.
hij, die zelf de huur zijner woning heeft opgezegd, dan ook,
E als het einde gekomen is, de woning onmiddellijk moet ~
·· ontruimen. Maar daarvoor moet de opzegging uit zijn vrijen ­
SQ wil voortspruiten; de huurder mag dan niet bij overeenkomst ·‘
Q: gedwongen zijn de huur op te zeggen of wel onder bepaalde ‘·
‘·‘ omstandigheden geacht zijn de huur te hebben opgezegd.
.1 Anders zon men, om artikel 1 buiten werking te stellen, <
kunnen bepalen, dat, ingeval de huurcommissie de verhoo­ .
ging van den huurprijs niet goedkeurt, de huurder geacht
wordt de huur te hebben opgezegd. rï
E 81 .
ii ‘
[