HomeDe praktijk der huurcommissiewet en de huuropzeggingswetPagina 78

JPEG (Deze pagina), 778.45 KB

TIFF (Deze pagina), 5.30 MB

PDF (Volledig document), 56.73 MB

li i
bepaalde gevallen, vermits zooveel afhangt van omstandig-
j heden, ook van omstandigheden buiten het toedoen van
j partijen. Als voorbeeld van een belang van den verhuurder,
i _l dat in aanmerking kan komen, om het verzoek niet in te
{ willigen, is genoemd, dat een bloedverwant van den ver-
huurder of hij zelf ter plaatse moet komen wonen, en geen
E; " andere geschikte woning kan vinden. j
De voor- en de nadeelen van de te nemen beslissing wor-
den tegenover elkaar afgewogen, en haar, die de beslissing "
li t­‘‘ geeft, wordt op het hart gebonden, dat zij móet treffen die
{ regeling, waarbij de minste schade aan de belangen van
een der partijen wordt toegebracht. ,
,1 De bewijslast is niet geregeld. Degene, in wiens belang
het is een zeker bewijs te leveren, zal natuurlijk al zijne
krachten inspannen, om de huurcommissie van de juistheid
A2 zijner posita te overtuigen, doch deze is vrij bij het tegen '
elkaar afwegen van de verschillende belangen, die in aan-
j j merking komen, hare overtuiging te vestigen, waar zij die
ê gï j` vinden kan. .
i j Vóór het verstrijken van vijf-zesde gedeelten van den door
i i de huurcommissie vastgestelden termijn kan telkens ver-
Ijï lenging van dezen termijn worden gevraagd. Alsdan is de
al of niet inwilliging van het verzoek afhankelijk·van de
ê§ vraag, of de omstandigheden niet of al belangrijk verschillen A;
gy, van die, onder welke het verzoek eerst werd ingewilligd (wat "
j g praktisch wel zal neerkomen op een tegenover elkaar ,
afwegen van dezelfde belangen als bij de eerste behan- `%
H deling). Zoolang op dit nieuwe verzoek niet is beschikt,
blijft de termijn loopen. (Hierbij ontbreekt de voorwaarde,
dat het verzoek tijdig moet zijn ingediend, ofschoon hier
toch dezelfde vrees voor ,,chantage" gelden kan, die tot ,
invoeging dier voorwaarde in het tweede lid geleid heeft).
ijf, De beslissing omtrent den huurprijs moet (waarom de wet
zegt ,,zooveel mogelijk" schijnt, althans voor woningen, die
onder de Huuroommissiewet vallen niet duidelijk, daar door
de Huuropzeggingswet de verhuurder ten opzichte der
woning, wat den huurprijs betreft, toch niet in eenen
anderen toestand gebracht wordt, dan waarin hij krachtens
tw,
'ïäç
t
? j 'Y