HomeDe praktijk der huurcommissiewet en de huuropzeggingswetPagina 23

JPEG (Deze pagina), 628.39 KB

TIFF (Deze pagina), 5.21 MB

PDF (Volledig document), 56.73 MB

I
l
I opdrijving voordoen, doch niet in voldoende mate om
g het instellen van eene afzonderlijke huurcommissie te
ä wettigen, kunnen zij de huurcommissie, of eene der
ï huurcommissiën, eener andere gemeente ook voor hunne
i , gemeente instellen.
Dit besluit wordt genomen in onderling overleg met
j Burgemeester en Wethouders der andere gemeente. Het
. treedt niet in werking vóórdat daarop de goedkeuring
is verkregen van Gedeputeerde Staten der provincie
(provinciën), tot welke de gemeenten behooren:
.~ Leidt het onderling overleg niet tot eene beslissing,
dan beslissen Gedeputeerde Staten; behooren de be-
trokken gemeenten tot meer dan ééne provincie, dan
beslissen Gedeputeerde Staten der provincie met het
grootst aantal inwoners in de betrokken gemeente of
~ gemeenten.
I
I
t Artikel 7.
In het geval, bedoeld bij het voorgaande artikel,
worden alle besluiten betreffende wijzigingen in de
2 samenstelling der huurcommissie, zoomede die betref-
1 fende de plaatsvervangende leden en den secretaris en
l diens plaatsvervanger, onverwijld schriftelijk mede-
gedeeld aan Burgemeester en Wethouders der andere
. j gemeente (gemeenten), waarvoor de huurcommissie
later ingesteld is.
Art. 49, lid In deze gevallen regelen B. en W. onderling de schade-
2» A·m·'·b· loosstelling der leden en de toelagen van den secretaris en
W van den plaatsvervangenden secretaris. Artikel 6, laatste
lid, is van toepassing.
Wanneer B. en W. niet van oordeel zijn, dat er termen
zijn, om eene huurcommissie in te stellen, kunnen Gedepu-
teerde Staten daartoe maatregelen nemen. Aan hunnen aan-
, Art. 10 drang moeten B. en W. onverwijld voldoen (artikel 10l.
A·m·"·b· Ook tot uitbreiding van het aantal der in eene gemeente be-
staande huurcommissiën kunnen Gedeputeerde Staten op-
AArt. 1%) dracht geven (artikel 11), alsmede tot instelling van eene
.m. v. .
` ` 21
. zr,