HomeDe praktijk der huurcommissiewet en de huuropzeggingswetPagina 21

JPEG (Deze pagina), 652.67 KB

TIFF (Deze pagina), 5.27 MB

PDF (Volledig document), 56.73 MB

dat in de gemeente de afdoening van zaken dienten-
gevolge geene ongewenschte vertraging zou onder-
, vinden.
ig Bij hun besluit wijzen Burgemeester en Wethouders
den (de) secretaris (secretarissen) der huurcommissie
(huurcommissiën) aan, wien het archief der opgeheven
huurcommissie (huurcommissiën) zal worden ter hand
gesteld, en regelen zij, zoo noodig, de plaatselijke be-
_ voegdheid der overige huurcommissiën.
Dit besluit treedt niet in werking vóórdat daarop de
goedkeuring van Gedeputeerde Staten is verkregen.
Art. 16 Verder gelden omtrent instelling en opheffing de artikelen
A·m·"­b· 16 en 17 A. m. v. B.
Bij het besluit tot het instellen of het opheffen van
eene huurcommissie wordt bepaald op welk tijdstip het
besluit in werking treedt.
Ingeval het besluit ,de goedkeuring van Gedeputeerde
Staten behoeft, wordt bepaald dat het tijdstip, waarop
het in werking treedt, nader door Burgemeester en Wel-
' houders zal worden vastgesteld.
Art. 17 Alle besluiten van Burgemeester en Wethouders be-
A· m·V·b· treffende het instellen en het opheffen van huurcom-
missiën worden vóór het in werking treden op de in de
gemeente gebruikelijke wijze openbaar gemaakt. Zij
worden tegen betaling der kosten in afschrift verkrijg-
baar gesteld.
De werkkring der huurcommissie zal in den regel omvat-
2 ten de Woningen in de gemeente harer vestiging, en bij
vestiging van meer dan ééne huurcommissie in dezelfde
gemeente de woningen in een door­B. en W. te bepalen
` gedeelte der gemeente (Art. 5 A. m. v. B.):
Art. 5 Indien in eene gemeente meer dan ééne huurcom-
A·m·"­b· missie wordt ingesteld, bepalen Burgemeester en Wet-
houders de gedeelten der gemeente, ten aanzien waar-
van iedere huurcommissie bevoegd is.
19
`
dg · g g ggggg gg gggggg 4.1