HomeDe uitwerking van het nieuwe art. 192 der grondwetPagina 65

JPEG (Deze pagina), 955.78 KB

TIFF (Deze pagina), 7.94 MB

PDF (Volledig document), 110.98 MB

6;
hoe de school door haar onderwijs, haar geheele inrichting,
de aesthetische en religieuze gevoelens kan en moet aan-
kweeken. Karaktervorming en karakterfouten.
Meent men inderdaad dat vraagstukken als deze behandeld
· zouden kunnen worden in de 4de en 5de klasse eener H.B.S.?
En zoo neen - en de geheele inrichting van ons Middelbaar
en Gymnasiaal onderwijs toont aan, dat de deskundigen op
dat gebied dit onmogelijk achten, - dan staat naar het oor-
deel onzer Commissie vast, dat men of het meest essentieele
gedeelte van de vakopleiding der onderwijzers moet laten
vervallen, of dat men die vakopleiding moet beginnen op
een leeftijd waarop de lessen omtrent onderwerpen als boven
genoemd, niet alleen maar uit het hoofd geleerd, maar werkelijk
begrepen en verwerkt kunnen worden. Aan de beide genoemde
bezwaren kan men tegemoet komen door de vakopleiding
van den ond­erwijzer te doen voorafgaan door een voorberei-
dende school die t­ot het I']‘Cl€ of 18de jaar duurt, dus door
dezelfde algemeen-ontwikkelende voorbereiding, die thans niet
slechts voor artsen, predikanten, juristen en leeraren, maar
ook voor ingenieurs, landbouwkundigen en veeartsen wordt
geëischt.
Omtrent die voorbereidende school behoeven wij ons hier
niet verder uit te laten. Alleen zij aangeteekend, dat enkele
leden onzer Commissie aan een gymnasiale opleiding als
voorbereiding voor het onderwijzersambt verre de voorkeur
geven boven een H.B.S.-opleiding. Onze Commissie meent,
dat het niet op haar weg ligt hier in een beoordeeling te
treden van de voor en nadeelen eener humanistische of
realistische opleiding; zij zou in ge'en geval één van beide
voorbereidingsscholen uitgesloten wenschen te zien.
Op die voorbereidingsschool volgt dan een kweekschool,
wier inrichting wij thans wat nader willen bespreken.
Voorop sta het beginsel, dat de kweekschool, bij tal van
punten van verschil, in veel opzichten moet gelijken op een
hoogeschool. Dit wil in de eerste plaats zeggen, dat ide examens
worden afgenomen aan de school zelf en dat zij, die opgeleid
~ hebben, ook het recht bezitten tot uitreiking van het radicaal
van onderwijzer. Maar verder wordt hiermede ook bedoeld,
i dat de aanstaande onderwijzer vrijheid zal hebben, om, be-
houdens het volgen van de lessen aan de school en de
daarmede samenhangende verplichtingen, zijn studie naar
eigen aanleg in te richten. Ter voorbereiding van zijn taak
als onderwijzer zal het goed zijn, dat hij b.v. geografische
excursies meemaakt, dat hij cursussen voor hooger volks-
xxl