HomeDe uitwerking van het nieuwe art. 192 der grondwetPagina 57

JPEG (Deze pagina), 942.28 KB

TIFF (Deze pagina), 7.92 MB

PDF (Volledig document), 110.98 MB

55
niet zoo ver te gaan, dat zij, waar ernstige redenen daartoe
nopen, geen uitzonderingen zou willen zien toegelaten.
Ernstige bezwaren tegen dit stelsel zullen zich alleen voor-
doen in de groep der ongeschoolde arbeiders, wier beroep
zich niet leent tot e‘en onderwijs als zooeven werd geschetst.
, ln onze groote steden, met haar bevolking van fabrieks-
i arbeiders en havenarbeiders zullen deze gevallen vrij talrijk
zijn, zek­er heel wat meer dan in München, waar het ambacht,
en met name het kunstambacht een zoo groote rol speelt.
Niet alleen in dit opzicht trouwens stellen deze bevolkings-
groepen ons voor zeer ernstige sociale problemen. Immers
zij zijn het, die het allermeest te lijden hebben onder den
vloek van de geestdoodendheid, de eentonigheid en de zin-
ledigheid van den dagelijkschen arbeid, die, wellicht een on-
vermijd·elijk gevolg van de verregaande arbeidsverdeeling van
de moderne maatschappij, juist door die onvermij-delijkheid zijn
grootste scherpte verkrijgt. H-oe geestdoodender en eentoni-
ger echter die dagelijksche arbeid, des te meer zullen deze
arbeiders op hun lat-eren leeftijd behoefte hebben aan de ken-
nis en ontwikkeling, die hun buiten hun eigenlijke beroeps-
leven kan ·doen vinden, wat zij daar moeten ontberen. Daarom
zal vervolgonderwijs dat hun algemeene kennis verwijdt, en
hun horizon verruimt, ook voor deze groep van groote be-
teekenis zijn.
De Commissie meent, dat het aldus gedachte vervolgonder-
wijs verplicht behoort te zijn gedurende 2 jar·en en wel gedu-
rende een gemiddelden tijd van 42 weken per jaar en 15 uren
per week. Gedurende het eerste jaar zouden de lessen des
morgens, gedurende het tweede des middags voor 5 uur
kunnen worden gegeven. Bij de regeling der uren en de
ver-deeling over het geh·eele jaar, zal rekening moeten worden
gehoud­en met de eischen van het vak, waarvoor de vervolg-
school is ingericht. Zoo zal bijv. het vervolgonderwijs in
landbouwstrek-en gedurende den zomer moeten stilstaan en
zich meer op de wintermaanden moeten concentreeren. An-
dere eischen zullen voor anderen seizoenarbeid gelden.
Overleg met patroons- en arbeidersorganisaties is hier even-
eens vereischt.
Van het vervolgonderwijs zullen naar vanzelf spre·ekt zij
zijn vrijgesteld, die een eigenlijke vakschool, een M.U.L.O.
of een Middelbare school bezoeken. De verplichting eindigt
2 jaar nadat de leerverplichting voor de lagere school is
geëindigd, tenzij het om de zooevengenoemde redenen noodig